Schrijversperikelen
Je hebt net een fantastisch boek gelezen. Zo spannend! Zo mooi! Je kunt je niet voorstellen dat de schrijver van dit boek heeft geworsteld. Dat hij gefrustreerd op zoek was naar de juiste woorden. Dat hij hele en halve hoofdstukken in de prullenbak heeft gesmeten. Toch is dat zo.
Ontvang ook iedere maand mijn Fantastische Nieuwsbrief!
Tweet Volg Femke op TwitterSchrijven is weer leuk!
30 september 2008
Net een nieuw verhaal begonnen en het gaat als een trein! Het schrijft lekker weg, het leest lekker weg en iedere zin daagt de volgende uit. Hoera! Zo moet schrijven zijn.
Personages neerzetten, sferen scheppen, gebeurtenissen beschrijven alsof het allemaal vanzelf gaat. Alsof ik niets zelf hoef te bedenken, maar het verhaal al bestaat en ik het alleen nog maar hoef op te schrijven. Hier ga ik mee verder, totdat het klaar is.
7 oktober 2008
Dat een verhaal zichzelf schrijft, betekent nog niet dat ik er niet over na hoef te denken. Zo weet ik bijvoorbeeld al lang dat Hadewig (de hoofdpersoon) een briefje ontvangt van iemand, in het geheim. Maar wanneer precies, en op welke manier, daar moet ik toch echt over nadenken. En zo zijn er nog wel meer dingen die een plek in het verhaal moeten krijgen. Maar waar? Moet eerst het een gebeuren, of eerst het ander? Allemaal dingen om tijdens het schrijven mee bezig te zijn. Want voor ik het weet, schrijft het verhaal zich zo lekker, dat ik vergeet dat er nog iets vermeld moest worden. Iets wat nu nog onbelangrijk lijkt, maar later in het verhaal toch betekenis zal krijgen.
Dus wie mij op de bank ziet zitten, starend naar de muur voor mij, denkt misschien dat ik daar maar zit te zitten en niets doe. Maar als je in mijn hoofd zou kunnen kijken, zie je de raderen draaien. En dan zou je ook weten dat ik die muur helemaal niet zie, maar wel Hadewig, die op haar kamer zit, of met haar vriendin naar school fietst, of een vreemde ontmoeting heeft in de boekwinkel van haar moeder...
's Ochtends vroeg
14 oktober 2008
Als je wakker wordt en het eerste wat in je opkomt is het verhaal dat zich verder ontvouwt, gaat het goed. Beter kan niet! Dan zit je er helemaal in en wil het verhaal ook.
Gedurende de ochtend krijgt het verloop van het verhaal steeds meer vorm, de beelden in mijn hoofd worden zinnen en dan is het tijd om te gaan schrijven.
Gelukkig maar dat het zo goed gaat, want even dacht ik dat ik op een punt was beland dat het helemaal mis ging...
Ik had een stukje geschreven en dacht: dit is het niet. Zo wil ik het niet. Ik veranderde een paar dingetjes en toen was het goed. Een hele opluchting, want als er iets vervelend is, is het wel als al die beelden in je hoofd er heel anders uitzien dan de woorden op papier.
Uren werk aan een paar zinnen
20 oktober2008
Iedere keer is schrijven weer anders. Vaak schrijf ik achter elkaar door en heb ik, voor ik het in de gaten heb, een half hoofdstuk geschreven. Maar soms ben ik uren bezig en staan er aan het eind maar een paar zinnen op papier. Zo ging het afgelopen week. Er was een stukje in het verhaal waar ik niet zo tevreden over was, dus daar ging ik mee aan de slag. De zinnen die niet liepen, of die niet helemaal weergaven wat ik voor me zag haalde ik weg. Hoe kon het beter? Ik sloot mijn ogen en probeerde dat stukje verhaal zo gedetailleerd mogelijk voor me te zien. Dat was niet zo heel moeilijk. Toen moest ik het op papier zetten, zodanig dat het precies weergaf wat ik wilde en dat het ook nog lekker leesbaar was. Daar was ik wel een paar uur mee bezig, maar het was heerlijk om te doen! En ik ben tevreden over het resultaat. Nu gauw verder!
Perfect
28 oktober 2008
Het schrijven gaat gestaag. Niet zo snel als ik had gehoopt, want ik loop al hopeloos achter op mijn eigen schema, maar het vordert. Drie hoofdstukken heb ik inmiddels af en ik ben er redelijk tevreden over. Redelijk, ja, want het leest best lekker, er staat wat er moet staan, maar eigenlijk moet het perfect zijn. Of daar in ieder geval heel dicht in de buurt komen. Daarom moet ieder nieuw hoofdstuk beginnen met een zin die ook de eerste prachtige zin van een boek zou kunnen zijn. Een zin die staat. En daarom ook, moet iedere nieuwe zin meteen grijpen, zodat je als lezer niets anders wil dan doorlezen. Welke bladzijde je ook opslaat, welke zin ook de eerste is die je leest, het moet je het verhaal inzuigen en je niet meer loslaten. Ik wil namelijk dat dit boek uitgegeven wordt. Niet weer de zoveelste: "Je schrijft leuk, maar het past niet in ons fonds." Dat heb ik namelijk al zo vaak gehoord, dat het ongeveer klinkt als een verschrikkelijke smoes. Zelfs als daar achteraan volgt: "Maar als je meer hebt, stuur dat dan vooral op." Dat meer, daar ben ik dus nu hard mee aan het werk. En dat heb ik vanochtend in een envelop gestopt en naar een uitgever gestuurd. Een nieuwe. Eentje waar ik nog niet eerder iets naar gestuurd had. Eentje die misschien wel een gat in de lucht springt bij het lezen van mijn drie hoofdstukken. Intussen hou ik maar vooral in gedachten dat zelfs JK Rowling tientallen keren werd afgewezen bij uitgeverijen. "Je past niet in ons fonds". Hoeveel uitgeverijen hebben nu spijt van deze uitspraak! Wie weet, krijgen ze over enkele jaren net zo'n spijt over het afwijzen van mijn verhalen ...
Waar gaat het eigenlijk over ...?
3 november 2008
Zit ik hier al wekenlang te schrijven over het verhaal waar ik aan werk, heb ik nog niet eens verteld waar het over gaat! (Jullie zeggen ook niks!)
Dit verhaal gaat over Hadewig. Een heel normaal meisje van vijftien, dat samen met haar moeder woont, bij de tweedehands boekwinkel van haar moeder. Hoewel... normaal... Hadewig komt er langzamerhand achter dat haar moeder zich gewoner voordoet dan ze is. Ze verschuilt zich achter die gewoonheid, omdat ze gevlucht is van haar familie en Hadewigs vader en bang is dat ze ontdekt worden. Veel wil ze daar niet over vertellen, want hoe meer Hadewig weet, hoe gevaarlijker het voor haar is. Maar Hadewig is - natuurlijk - erg nieuwsgierig én ontzettend kwaad op haar moeder dat ze haar nooit iets verteld heeft. Op een middag ontmoet ze iemand van de familie en dan blijkt dat ze zelfs niet eens Hadewig heet. Nu wil ze echt niets meer met haar moeder te maken hebben. Stiekem ontmoet ze haar familie vaker, en komt er zo langzamerhand achter wie ze eigenlijk echt is...
Als de duisternis valt
10 november 2008
Regen heb ik nodig, en duisternis, om dit verhaal te schrijven. Om mystieke sferen op te roepen, in mijn hoofd, en die te vertalen naar woorden op papier, is een zonnige, zomerse dag de slechtste schrijfdag die ik maar kan hebben. Dat komt mooi uit, want
- a) het is herfst, dus vaak regenachtig en grijs, en het wordt al vroeg donker en
- b) mocht het toch een mooie zonnige dag zijn, dan kan ik daarvan genieten, want ja, van schrijven komt het dan toch niet.
En weet je wat het allermooiste is? De winter is in aantocht, de dagen zullen korter worden en donkerder en mijn verhaal ook. Wat een timing! Ik weet het al: het komt helemaal goed met dit verhaal!
Overhoop
17 november 2008
Schrijvend aan en denkend over het vierde hoofdstuk, bedenk ik dat het anders moet. Sommige dingen gaan te snel, naar mijn gevoel, het mag allemaal best wat rustiger. Dus voordat ik verder schrijf, ga ik eerst de structuur aanpakken. Iets wat in het tweede hoofdstuk gebeurt, komt pas later en andere dingen hebben wat meer verdieping nodig in het begin. De hele boel omgooien dus, en dat is niet niks. Want uit het een volgt het ander; het zal er wel op neerkomen dat ik halve hoofdstukken moet herschrijven. Dat geeft niet, want ik weet dat er aan het eind van die klus gewoon een veel beter verhaal staat.
Blij verhaal
25 november 2008
Ik moet bekennen: het was een paar dagen ertegenaan hikken. Het is ook niet het makkelijkste klusje, zo'n structuur omgooien. Maar eenmaal bezig, ging het eigenlijk heel gesmeerd. Ik kreeg er zelfs zin in! Ook al moest ik hele hoofdstukken opnieuw schrijven, want ja, je kunt één zo'n gebeurtenis er wel uithalen, maar dan heb je in het verhaal dat volgt allerlei verwijzingen staan naar die gebeurtenis. Die moeten er dus ook uit. En dan nog zorgen dat het verhaal lekker loopt en logisch blijft.
Maar eenmaal bezig kreeg ik er alleen maar een steeds beter gevoel bij: ja, het is goed dat ik dit doe. Het verhaal wordt er beter van. Tijdens het schrappen, verplaatsen en herstructureren kreeg ik zelfs weer nieuwe ideeën. Ik denk dat het verhaal ook blij is dat ik dit doe.
Niets gedaan
1 december 2008
De afgelopen week heb ik bijna niet meer aan het verhaal gewerkt. Geen tijd. Vorige week presenteerde ik mijn nieuwe boek (Drakenvuur) en alle tijd ging zitten in de voorbereidingen daarvan.
Daardoor ben ik het verhaal ook een beetje kwijtgeraakt, ik zit er niet meer in. Dat is niet erg: ik print het gewoon uit en ga weer lekker lezen. Kan ik meteen zien of de veranderingen die ik heb aangebracht het gewenste effect hebben.
Vertrouw het verhaal
8 december 2008
Even dacht ik dat het een langdurig karwei zou worden. Dat al het materiaal dat ik opzij had gelegd om op een andere plek in te zetten, helemaal niet meer bruikbaar is. Personages zeggen en doen ineens heel andere dingen dan in de eerdere versie, bepaalde gebeurtenissen vinden niet meer plaats, maar heel andere dingen wel... Kortom: het verhaal gaat er weer met zichzelf vandoor. Eigenwijs stuk vreten. Ik werk maar gewoon door, al is het met angst en beven. En ja hoor, weer blijkt dat het verhaal wel weet wat het wil. Voor de zoveelste keer is bevestigd dat ik daar gewoon vertrouwen in moet hebben. En met hier en daar een aanpassing, kan ik de stukken tekst uit de eerste versie gewoon nog gebruiken. Voor ik het in de gaten heb, is er ineens weer een hoofdstuk klaar. Veel beter dan het was. Op naar het volgende dus, ik heb er zin in!
Zomaar opeens
15 december 2008
En dan is er zomaar opeens weer een hoofdstuk af, en dat niet alleen: ik besef dat het herstructureren klaar is! Ik ben eigenlijk al een hele tijd weer met nieuwe dingen bezig. Ja, er staan nog wat stukken tekst opzij, maar die komen pas (veel) later in het verhaal terug.
Ik heb het vast al eens eerder gezegd, maar ik blijf het fantastisch mooi vinden hoe een verhaal onder mijn handen groeit.
23 december 2008
Nog een hoofdstukje of zo, dan kunnen de proeflezers aan de slag! Spannend, voor de proeflezers, maar (natuurlijk) ook voor mij. Zal het verhaal goed vallen? Komt alles naar voren wat ik wil dat naar voren komt? Maar zover is het nog niet. Eerst dat ene hoofdstukje nog. Tussen kerst en oud & nieuw zal ik vast niet veel schrijven, dus ergens in januari misschien?
De wending nadert
7 januari 2009
Schrijven is soms heel spannend. Misschien wel spannender dan een spannend boek lezen. Ik ben nu bijna bij de belangrijke wending in het verhaal. Het verhaal is opgebouwd, de belangrijke dingen staan. Nu staat er iets te gebeuren wat de hele boel op zijn kop zet. Het komt eraan, ik weet dat het eraan komt, ik werk mijn personage ernaartoe. Ik weet ook wat eraan komt, wat de wending is, maar ik weet niet precies wat er zal gebeuren, of hoe het gebeurt. Dat is het spannende. En wat er daarna gebeurt, daar weet ik nog helemaal niets over. Nou ja, een klein beetje wel, natuurlijk, maar dat is maar erg weinig. Spannend is het, omdat het een spannend moment in het verhaal is. Als lezer zou je ademloos verder lezen, denk ik, en absoluut niet gestoord willen worden. Om het te schrijven is het net zo spannend. Dat is leuk, want het maakt me nieuwsgierig: wat gaat er gebeuren? Hoe gaat het daarna verder? Ik ga dus maar gauw verder schrijven, dan weet ik straks hoe dit afloopt!
Proeflezers: maak je borst maar nat!
13 januari 2009
Zo heerlijk is het altijd als af is wat ik af wilde hebben. Nog heerlijker is het als ik er ook nog tevreden over ben. En op dat punt ben ik nu beland, hoera! Dat betekent dat de eerste vijf hoofdstukken van het verhaal klaar zijn en dat binnenkort de proeflezers aan de slag kunnen! Als jij je als proeflezer hebt aangemeld, dan kun je binnenkort een pak papier verwachten en mag je aan het werk...
Krassen en strepen
19 januari 2009
Vorige keer schreef ik dat ik alles wat ik wilde schrijven, geschreven had. Ik hoefde het alleen nog maar na te kijken. Hoe gaat dat in zijn werk?
Wat ik geschreven heb, print ik uit en met de pen in mijn hand lees ik het. Ik schrap een zin, verander een woord, geef soms een alinea (of meerder alinea's) een andere plek. Ik kijk of alles logisch is, of het klopt; of er niet iemand eerst een blauwe jas aanheeft en later opeens een rode - bijvoorbeeld. Ik kijk of ik niet vaak achter elkaar hetzelfde woord gebruik. Ik kijk of het lekker doorleest, of ik dingen niet twee keer vertel (of vaker) en of de ene gebeurtenis logisch volgt op de andere.
Als ik klaar ben met lezen, staan er strepen, pijlen, haakjes, nieuwe stukken tekst in het document. Daarmee ga ik weer achter de computer zitten en pagina voor pagina voer ik de wijzigingen in. Dan weer uitprinten, weer lezen, net zolang tot er geen krassen en krabbels meer in staan.
Dan ben ik (voorlopig) tevreden. Dan is het tijd om verder te gaan en dit deel van het verhaal naar de proeflezers te sturen.
(zodat die het vol kunnen zetten met hun krabbels, krassen, pijlen, strepen, enzovoort...)
26 januari 2009
De proeflezers hebben inmiddels het verhaal ontvangen en ik hoef er even niets mee. Het gekke is, dat ik juist nu allerlei nieuwe ideeën krijg. Ik had vooral toegewerkt naar het punt waar het verhaal nu is en ik had nog niet echt nagedacht over wat er daarna zou gebeuren. Maar juist nu ik er niet over hoef na te denken, krijg ik steeds allerlei beelden in mijn hoofd. Als ik op de fiets zit, als ik aan het stofzuigen ben, als ik eten kook... Erg leuk, om zo steeds een stukje verhaal cadeau te krijgen!
Ik doe er nog niet zoveel mee. De stukjes onthoud ik, of ik schrijf ze op, zodat ik er straks mee verder kan. Bedenken, schrijven, herschrijven en... rust!
18 februari 2009
Terwijl de proeflezers hard aan het werk zijn, hou ik me met andere projecten bezig. Na een paar weken merk ik het al: het is goed om het verhaal weer even te laten rusten. Eerder schreef ik al dat ik allerlei nieuwe ideeën kreeg over hoe het verder zou moeten. Inmiddels is daar weer wat anders bij gekomen: ik weet nu ook hoe ik het moet verbeteren. Welke dingen overbodig zijn, waar er juist wat bij moet. Of zelfs, waar ik moet schuiven in de informatie. Bedenken en schrijven is leuk, maar rust is voor een verhaal net zo noodzakelijk!
Inmiddels heb ik bijna alle verhalen van de proeflezers terug. Als ik ze allemaal heb, ga ik ze op mijn gemak lezen. Ik ben heel benieuwd wat zij ervan vinden, en of hun bevindingen hetzelfde zijn als die van mij. Spannend!
Kill your darlings
24 februari 2009
Voordat ik het verhaal van de proeflezers terug had, was ik al begonnen met aanpassen en wijzigen. Sommige stukken die de proeflezers ook niet zo lekker vonden lezen, had ik er al uitgehaald. Maar ik had er ook dingen uitgehaald waarvan sommigen zeiden: 'Sterk!' Of: 'Mooie beschrijving!' Toch laat ik ze eruit.
Waarom? vraag je je misschien af. Als het toch zo goed geschreven is... Maar daar gaat het niet over. Sommige van die stukken zijn namelijk helemaal niet belangrijk voor (de rest van) het verhaal. Dan houdt het alleen maar op, hoe mooi de woorden en zinnen ook zijn. Soms moet je als schrijver afscheid nemen van stukken tekst die je heel mooi of goed vindt. Van een woord, een zin, soms een hele alinea of een halve pagina. Dat hoort ook bij schrijven. Nooit iets in je verhaal laten staan alleen maar omdat het zo grappig, mooi of sterk is. Iedere schrijver of dichter krijgt hier op een dag mee te maken. Er is zelfs een term voor: "Kill your darlings" (Dood je lievelingen).
Doet dat geen pijn? Vind je dat niet jammer? Nee. Want als ik het eenmaal heb geschrapt en ik lees het verhaal daarna en zie dat het verbeterd is, dan is het hele verhaal er mooier en sterker van geworden. Dan maakt dat ene woordje, zinnetje of zelfs die halve pagina niet meer uit. Dan heb je een heel verhaal dat staat als een huis.
Weinig tijd
3 juni 2009
Wat ben ik hier lang niet meer geweest! Jullie zullen wel denken... Ik moet ook bekennen dat ik niet zoveel tijd meer heb om te schrijven. Al tijden ben ik bezig met het vierde hoofdstuk en de laatste keer dat ik daaraan gewerkt heb, is toch al weer minstens een maand geleden. Erg hè? Dat hoofdstuk is ook een hele kluif. Ik heb er flink in geschrapt en geschaafd. Daarna bleef er weinig meer van over... Zo weinig zelfs, dat ik me afvroeg of ik dat hoofdstuk niet beter helemaal weg kon laten. Maar dat kon niet. Er staan een aantal dingen in die toch echt belangrijk zijn voor het verhaal. Al (her)lezend en (her)schrijvend ontdekte ik dat er toch ook iets miste. Iets wat later in het boek aan de orde komt, moet hier al opgezet worden. Daar ben ik dus mee aan de slag gegaan. En daar ben ik ook gebleven. Ik ga er maar gauw weer eens mee verder. Ik hoop dat ik jullie binnenkort weer wat nieuws kan vertellen!
Basis hersteld
30 september 2009
Het gaat goed met Hadewig! Ik heb de eerste hoofdstukken herzien, hier en daar vrij grondig geschrapt en ja, nu staat het er allemaal een stuk beter. De basis moet goed zijn, anders loop je vast. Dat heb ik nu dus ook weer gemerkt. Gauw verder, en dan kunnen over een tijdje de proeflezers weer aan de slag!
's Ochtends vroeg
13 oktober 2009
De beste ideeën komen op momenten dat je helemaal niets aan je hoofd hebt. Als je hersens ontspannen zijn, niet hoeven denken aan mensen die nog gebeld moeten worden of klusjes die nog gedaan moeten worden. Zo'n moment is bijvoorbeeld 's ochtends vroeg, merk ik. En dan bedoel ik: heel vroeg. Middenin de nacht bijna, als het buiten nog donker en stil is en iedereen in huis in diepe rust verkeert. Waarom ik wakker geworden ben, ik weet het niet. Maar ik ben wakker. Op mijn wekker zie ik dat het pas tien voor vijf is. Waarom?? Ik draai me om om verder te slapen, maar daar tikt Hadewig me op mijn schouder. Of ik even wil opletten. Er waren toch twee ontmoetingen in het boek? Je wist toch niet welke het eerst moest plaatsvinden? Nou, luister... Ze fluistert het me in. Deze ontmoeting moet eerst: die met haar vader. En weet je waarom? Ook dat zal ik je vertellen.
Zachtjes verlaat ze me weer, zodat ik rustig verder kan slapen. Maar als ik echt wakker word, herinner ik me wat ze me heeft verteld. Ik schrijf het meteen op. Straks vergeet ik het en dan staat ze weer om vijf uur 's nachts naast mijn bed.
Briljant
30 oktober 2009
Je hebt wel eens dat het je opeens heel duidelijk is hoe het gaat. Het begin van een nieuw hoofdstuk of iets dat echt in het boek moet, maar je wist nog niet hoe. Dat soort heldere momenten komt meestal niet goed uit. Je staat bijvoorbeeld onder de douche, voor de kassa bij de supermarkt of je bent aan het rennen om je trein te halen. Je kunt het dus niet even gauw opschrijven. Maar dat hoeft ook niet. Het is immers zo duidelijk, dat vergeet je echt niet!
Mooi wel dus. Voordat je weer tijd hebt om aan het verhaal verder te schrijven, ben je het kwijt. Zit je daar, vol goede moed. En het was nog wel zo duidelijk! Gelukkig komt het meestal wel weer goed. Je komt er wel weer op. Of niet, en dan schrijf je het op een (iets) andere manier. Soms blijf het knagen. Dan staat het er uiteindelijk wel, maar lang niet zo briljant als je toen had bedacht. Ik troost me dan maar met de gedachte dat het met dat briljante wel meevalt. Het staat er, het verhaal gaat verder en niemand zal tegen je zeggen: het begin van het vijfde hoofdstuk... had je daar echt niet iets beters voor kunnen bedenken?
Er komen
3 november 2009
Welk verhaal je ook schrijft, of het kort is of lang, er komt een moment dat je even niet meer weet hoe je er komt. Je weet precies wat de volgende scène is, waar die plaatsvindt en hoe, maar de vraag is: Hoe komt je personage daar? Hoe komt ze op de plek waar je haar hebben wilt, zonder iets onbenulligs te schrijven als: ze liep naar de deur, opende hem en betrad de kamer.
Nu zit ik op zo'n punt. Er is iets gebeurd, daar gaat Hadewig verder over nadenken op een andere plek, op een ander moment, maar hoe leid ik haar daarnaartoe? Het verhaal maakt ook nog een sprongetje in de tijd. Voor het verhaal is het niet goed om al die tijd en eventuele handelingen te beschrijven. Hup, verder!
Weet je wat ik doe? Ik maak me er gewoon niet druk om. Ik ga gewoon even nadenken over dit probleem - of nee, wacht. Ik besluit dat het helemaal geen probleem is. Hadewig moet gewoon van de ene plek naar de andere en die overgang moet soepel verlopen. Ik kijk nog eens wat precies de laatste zin was die ik heb opgeschreven: Ze haalde haar fiets van het slot en reed nog een rondje door de stad. Hij volgde haar niet. Ik zie het meteen: er is geen probleem. Tien minuten later was ze weer terug bij de winkel. schrijf ik op. En verder maar weer!
Vastzitten
15 november 2009
En toen wist ik niet meer hoe ik het op papier moest krijgen... Ik zie het zo voor me, hoe het verder moet en wat er gaat gebeuren, maar het komt niet op papier zoals ik wil. Hoe vaak ik het ook probeer en opnieuw doe, één keer, twee keer, drie keer, steeds als ik het lees, staat er iets anders dan ik dacht dat ik schreef. Grrr...
Ik besluit het maar even te laten liggen. Wat ik ook schrijf, het wordt toch niets. Eerst even ruimte creëren, dan komt het wel weer. En inderdaad: na een paar dagen is het duidelijk. Het probleem zit niet in wat ik nog moet schrijven, maar in wat ik hiervoor geschreven heb. Zo gaat het helemaal niet! Ik moet eerst een paar scènes schrappen voordat ik weer verder kan.
Nu ik dat weet, speelt het verhaal in mijn hoofd zich verder af. Duidelijk. Weg met die zooi en opnieuw beginnen!
Probleem
25 november 2009
Ik heb het maar eens gedaan. Normaal gesproken doe ik het niet (en vraag me niet waarom nu dan wel), maar ik heb een overzicht gemaakt van alle hoofdstukken tot het eind van het boek en wat er allemaal aan ontwikkelingen en gebeurtenissen zal plaatsvinden.
En ik stuit meteen op een "probleem". Het moment waarop ik het boek wil laten eindigen, is vijftien jaar na het begin. Ik ben nu op ongeveer eenderde en tot nu toe verloopt het verhaal van dag tot dag. Je ziet het al aankomen: als dat vijftien jaar zo doorgaat, dan wordt het geen boek meer, maar een scheurkalender voor de komende vijftien jaar! Dat gaat dus niet. Maar om nu opeens over te gaan van een verloop van dag tot dag op een verloop van jaar tot jaar, is ook niet zo'n goed idee. Denk ik.
Je had al gezien dat ik "probleem" tussen aanhalingstekens schreef, en dat heeft natuurlijk een reden. Meestal lossen dit soort "problemen" zich tijdens het schrijven vanzelf wel op. Ze verdwijnen gewoon. Je schrijft een bepaald stuk, denkt achteraf: hier zat toch een probleem? Leest nog eens wat je geschreven hebt, en ontdekt geen enkel probleem. Opgelost dus! Letterlijk, want vaak weet ik zelfs niet eens meer wat het "probleem" was.
Nu ben ik nog lang niet aan het eind van het boek. Ik ben zelfs nog wel even bezig met de van-dag-tot-dag-gebeurtenissen. Ik ga me er dus ook helemaal niet druk om maken. Gewoon verder schrijven. En mocht het probleem toch een echt probleem blijken, dan zien we dat tegen die tijd wel. Ik zal het laten weten als het zover is.
Lekker
4 december 2009
Het gaat op dit moment echt erg lekker. Zeven hoofdstukken af en gisteren heb ik alles weer helemaal gelezen. Best goed, als ik dat zelf mag zeggen ... Van de laatste twee hoofdstukken dacht ik dat ze niet zo goed waren, dat ik er nog flink aan zou moeten herschrijven, maar dat valt dus reuze mee. Ik heb heel veel zin om aan het nieuwe hoofdstuk te beginnen! En als dat af is, mogen de proeflezers weer aan het werk.
Toch een aanpassing
9 december 2009
Die laatste twee hoofdstukken heb ik nog een keer gelezen. En, in tegenstelling tot de vorige keer, vond ik dat er toch iets ontbrak.
Dat is best lastig, als je het gevoel hebt dat het al aardig dichtgetimmerd is, maar er ontbreekt iets. Wat moet er dan bij en waar kan dat? Dat ontdek je vrij gemakkelijk, door heel geconcentreerd en heel kritisch te lezen. Die ene dialoog is wel wat eenzijdig, dat stukje bevat wel heel veel uitleg, daar mag wel wat meer gevoel in. Dan is het nog nadenken over wat je schrijft, natuurlijk, maar dat lukt wel.
Nu is het echt klaar. Nou, vooruit, nog één keer nalezen dan. Maar dan gauw verder met het volgende hoofdstuk!
Niet tevreden
14 december 2009
Ik ben helemaal niet tevreden over die laatste hoofdstukken. Na nog eens lezen, met de nieuwe aanvullingen, is het wel iets beter, maar echt nog niet goed genoeg. Er mist iets, het raakt iets niet wat ik wel wil raken. Ik kan er niet echt achter komen wat er precies mankeert. Wel krijg ik een idee van nog een aanvulling, dus daar begin ik maar mee. Dat helpt. Kan ik dan nu eindelijk verder met het volgende hoofdstuk?
Wat schrijf je?
21 december 2009
Ieder woord is belangrijk. Logisch, zul je denken. Als je wilt schrijven: Ik ben thuis, maar je schrijft Ik thuis of Ik ben, dan staat er wat anders. Maar dat bedoel ik niet. Ik bedoel dat het belangrijk is wélk woord je opschrijft. Schrijf ik Myrr'han was er niet meer. Of kan ik beter schrijven: Myrr'han was weg. Of misschien zelfs: Myrr'han was verdwenen.
Deze zinnen lijken precies hetzelfde te zeggen, maar als je goed leest, zie je wel degelijk verschil. De ene zin geeft net een ander gevoel dan de andere. 'Weg zijn', 'er niet meer zijn,' of 'verdwijnen' lijken inwisselbare synoniemen, maar zijn dat niet. Ze verschillen een fractie. Een fractie die misschien onbelangrijk lijkt, maar er voor de schrijver wel degelijk toe doet. Zo'n zin, zo'n woord, kan van levensbelang zijn. Je kunt er zelfs, in sommige gevallen, dagenlang over piekeren welke variant de beste is. Doorstrepen en vervangen. Toch maar weer doorstrepen en terugzetten. Helemaal als het, zoals in dit geval, de laatste zin van een hoofdstuk betreft.
Lekker belangrijk, denk je misschien, maar vergeet niet dat jij makkelijk praten hebt. Als het boek straks klaar is, hoef jij het alleen maar te lezen. Misschien zeg je: 'Het leest als een trein' (wat overigens maar zelden een compliment voor de schrijver is), maar bedenk dan wel hoe dat komt. Dat komt, doordat de schrijver precies die woorden gekozen heeft waardoor jij precies het gevoel krijgt dat hij bij je wilde oproepen. En dat kiezen van woorden gaat dus niet altijd van een leien dakje. Soms kost dat dagen van piekeren, proberen, doorstrepen en, uiteindelijk: de knoop doorhakken.
Hoe begin je een hoofdstuk?
4 januari 2010
Het is lang geleden dat ik me deze vraag gesteld heb. Hoe begin je een hoofdstuk? Gewoon, door te schrijven. Door verder te gaan waar het vorige hoofdstuk was afgelopen.
Maar na acht hoofdstukken is dat opeens niet meer zo vanzelfsprekend. Ik pieker me suf over het begin van het negende. Waar speelt het zich af? Wat is de handeling? Wat is überhaupt de scène? Ik weet het niet. Het verhaal vertelt me niets.
Maar, zoals dat altijd gaat, op een rustig moment als ik me er op concentreer en me het voorgaande voor de geest haal, komt het vanzelf. Snel ga ik achter mijn schrijftafel zitten, maar het gaat moeizaam. Uren later heb ik twee pagina's. En dan weet ik het niet meer. Misschien toch het verkeerde moment gekozen? De verkeerde handeling, de verkeerde plaats? Ik laat het maar even rusten. Dat kan ook niet anders, want er zitten weer wat feestdagen aan te komen en de familie verwacht ook mijn gezicht weer eens te zien.
En dan toch! Zomaar. Wat ik vorige keer zo moeizaam had geschreven, kan allemaal weg. Het is het niet. De plaats van handeling blijft dezelfde, maar dat is ook het enige. En ja, dit is het wel. Hiermee kan ik verder. Het verhaal heeft me weer te pakken. Voor ik het in de gaten heb, staat er een half hoofdstuk. Gelukkig, ik kan het nog!
Nieuwe fase
11 januari 2010
Het verhaal is nu ongeveer voor de helft af. En een spannende tijd breekt aan voor mij: ik heb het weer naar de proeflezers gestuurd. Spannend, want zij zijn mijn toekomstig lezers. Wat vinden ze ervan? Zijn ze nog net zo enthousiast als de vorige keer? Boeit het verhaal nog steeds? Voordat ik dat weet, moet ik nog wat geduld hebben.
In de tussentijd schrijf ik maar gewoon verder. Ook spannend, want het begin van het verhaal staat er nu, alles is neergezet en het afbouwen kan beginnen. Alles moet een plek krijgen, puzzelstukjes moeten zo langzamerhand in elkaars richting gaan schuiven totdat ze aan het eind van het verhaal in elkaar passen. Soms heb ik al het gevoel dat het verhaal bijna klaar is!
Laat het verhaal...
12 januari 2010
Ik heb het al eens eerder gezegd, maar herhaling kan geen kwaad, want ik vergeet het zelf ook steeds: laat het verhaal zichzelf schrijven. Het verhaal weet heel goed wat het wil vertellen. Het enige wat ik moet doen, is ervoor openstaan en het opschrijven.
Dat dat soms makkelijker gezegd is dan gedaan, bleek maar weer. Het verhaal wilde dat Argadwyn Myrridwyn ontmoette. Dat wist ik wel, maar ik vond dat ze eerst met Myrr'han moest praten. Dus in plaats van op te schrijven wat het verhaal wilde, schreef ik dat Myrr'han Argadwyns kamer binnenkwam. En daar liep ik vast. Myrr'han was binnen, moest natuurlijk iets tegen Argadwyn zeggen, maar ik had geen idee wat hij moest zeggen.
Ik heb me daar maar niet druk over gemaakt. Ik was tenslotte zelf zo eigenwijs om niet naar het verhaal te luisteren. Dus ik schrapte Myrr'han, liet Myrridwyn de kamer binnenkomen en voor ik het wist was het verhaal weer drie pagina's gevorderd. Allebei blij.
Het verhaal en de planning
30 januari 2010
Het gaat nergens meer over. Het verhaal wel, gelukkig, dat gaat zelfs als een speer! Maar van de hoofdstukkenindeling die ik een tijd geleden maakte, is niets meer over. De personages gaan maar hun eigen gang. Er gebeuren totaal andere dingen dan ik eerder had gedacht en bedacht.
Maar ach, wat geeft het. Het verhaal wordt er niet slechter op en ik schrijf heerlijk door. Bovendien is zo'n indeling geen vaststaand feit. Meer een leidraad, om een beetje te kunnen zien hoe het ongeveer gaat verlopen. Of niet juist!
Geweldig, fantastisch!
4 februari 2010
De eerste reacties van proeflezers zijn terug en die zijn erg motiverend. Allemaal positief! "Ik ga als eerste je boek kopen als het af is." "Geweldig!" "Fantastisch!" "Een uniek, bijzonder boek."
Erg leuk om te horen natuurlijk, als je er zo lang zo hard aan gewerkt hebt. Maar dat betekent niet dat het ook klaar is. Want behalve enthousiast, zijn de proeflezers ook kritisch. Er zijn nog wel wat verbeterpuntjes. Gelukkig maar, dan kan ik het verhaal nóg beter maken!
Twee tegelijk
6 februari 2010
Nog de laatste pagina's van een hoofdstuk schrijven. Zoals meestal, lees ik eerst wat ik daarvoor geschreven had om weer in te komen. Tot mijn verrassing zie ik dat ik eigenlijk met twee hoofdstukken bezig ben geweest. Het is duidelijk dat op een bepaald punt een nieuw hoofdstuk moet beginnen. Daar ga ik eerst mee aan de slag. Ik zie dat stuk als het begin van een nieuw hoofdstuk en schrijf het hoofdstuk af. Het gekke is, dat twee halve hoofdstukken schrijven minder werk lijkt dan één heel hoofdstuk.
Dan moet ik terug naar het eerdere hoofdstuk. Het begin daarvan moet heel anders, maar ik weet nog niet hoe. Terwijl ik die scène schreef, vroeg ik me al af of die wel relevant was. In plaats van door te schrijven, had ik toen moeten stoppen. Maar ik schreef door. En nu blijkt de hele scène inderdaad overbodig. Iets anders dus, maar wat precies?
Eerst maar even de voorgaande hoofdstukken lezen, kijken wat daar staat. Al snel zie ik het. Daar staat het precies! Een kleine scène, een korte dialoog die ik heb laten liggen, maar waar ik eigenlijk nog op verder moet borduren. Dat maakt wel dat het wat meer werk is dan ik dacht, want ik moet nu aan andere hoofdstukken een en ander toevoegen en scène verplaatsen.
Erg? Welnee. Schrijven, puzzelen, fijnslijpen. Straks staat het verhaal als een huis!
Dom uitstel
15 februari 2010
Het lag even stil, het schrijven. Een paar dagen, maar toch. Het stagneerde, ik kwam er niet meer toe om verder te schrijven. Totdat ik besefte waardoor dat kwam: ik moest nog een eind breien aan een hoofdstuk en ik wist ook wat. Maar alle hoofdstukken zijn ongeveer even lang en ik had de overtuiging dat wat ik nog moest schrijven, niet lang genoeg was. Dom natuurlijk, want van niet schrijven komt het helemaal nooit af!
Toen ik wist wat het probleem was, ben ik dan ook meteen weer achter de schrijftafel gaan zitten. Dan werd het maar korter dan de andere hoofdstukken, nou en? En trouwens, waarschijnlijk zou het gewoon precies goed uitkomen, zoals het met alles gaat in dit verhaal.
Inderdaad, het stuk vloog uit mijn pen. En inderdaad, het was genoeg stof om het hoofdstuk net zo lang te laten worden als de andere hoofdstukken. Zonde van de verloren tijd.
Hoezo, laatste hoofdstuk?
16 februari 2010
Gisteren was ik in juichstemming. Al een tijdje liep ik te peinzen over (kleine) dingen die aangepast moeten worden in het verhaal. Gisteren zag ik het ineens in een groter geheel en kreeg ik het ultieme wauw-gevoel: zo moet het, zo wordt het helemaal geweldig!
En: ik was begonnen aan het laatste hoofdstuk. Het verhaal bijna af! Het ging ook fantastisch, dat laatste hoofdstuk. Tijdens het schrijven valt alles weer op zijn plek, de laatste puzzelstukjes schuiven in elkaar, het verhaal wordt mooi rond.
Maar nu ik zo heerlijk aan het laatste hoofdstuk werk, vraag ik mij af of het echt wel het laatste hoofdstuk is. Steeds sterker wordt mijn vermoeden dat er nog een deel achteraan moet.
Aan de ene kant is dat jammer, want duurt het nog wat langer voordat het echt af is. Aan de andere kant is het stiekem ook wel fijn. Hoef ik nog even geen afscheid te nemen van Argadwyn...
Laatste punt
23 februari 2010
De laatste punt van de laatste zin van het laatste hoofdstuk is gezet. Klaar? Zo voelt het niet. Geen jubelstemming zoals je zou verwachten als iets af is waar je lang en hard aan gewerkt hebt. De champagneflessen blijven in de kast.
Het is ook nog niet klaar. Natuurlijk niet. Die laatste punt zegt helemaal niets. Het verhaal staat, dat wel. Het is duidelijk waar het begonnen is, waar het langs loopt en waar het eindigt. Maar er moet nog het een en ander gebeuren. Wat fijnslijpen hier en daar. Wat zaken verduidelijken. Een aantal dingen nog net even iets scherper neerzetten. Daarna is het klaar. Denk ik.
Echt af
28 februari 2010
Nu dan echt: de allerlaatste punt! Het verhaal is rond, alle draadjes hebben een eind. En nu heb ik wel echt het gevoel dat het af is.
Ik ga het verhaal nog eens helemaal lezen en het nog één keer aan iemand anders laten lezen. En dan is het klaar voor de uitgever.
Laatste ronde
1 maart 2010
Nog één keer lezen. Een beetje perfectionistisch ben ik wel en het moet gewoon goed zijn voordat het naar de uitgever gaat. Vooral goed kijken of er niet te veel geknikt en geglimlacht wordt in het verhaal. Maar dan moet het klaar zijn. Je kunt wel blijven sleutelen aan een verhaal, maar eens moet je toch zeggen: nu is het klaar. En dat moment is bijna aangebroken!
Eens moet je stoppen
3 maart 2010
Elke keer als je het verhaal leest, zie je weer dingen. Misschien kan die zin beter weg. Misschien moet ik dat toch anders opschrijven. Kan deze alinea niet beter op een andere plek? Altijd kan er wel iets anders of beter. Hoewel, op een gegeven moment is het goed. Dan kan het niet meer beter. En dan ga je met je aanpassingen niet verbeteren, maar maak je het juist minder goed. Dat is een belangrijk moment.
Helaas zit je dan vaak al zo diep in je verhaal, dat je niet meer ziet of iets verbetert of juist verslechtert. Dan moet je stoppen. Dan moet je niet meer lezen, maar gewoon zeggen: het is af. Het is goed zo.
Op dat punt ben ik nu beland. Ik ga nog één keer de dingen aanpassen die ik gevonden heb. Dan blijf ik ervan af. Dan is het goed zo. Klaar.
Titel
15 maart 2010
Ieder verhaal heeft een titel. In zeldzame gevallen weet je die al voordat je nog maar aan het verhaal begonnen bent. In sommige gevallen maakt de titel zich tijdens het schrijven opeens kenbaar. Maar in de meeste gevallen moet je nog op zoek naar de titel als het verhaal al af is. Dan is het een kwestie van opschrijven waar het echt over gaat, in een enkel woord, brainstormen, lijstjes maken, alles verwerpen en nieuwe lijstjes maken.
Al weken ben ik in gedachten op zoek naar de titel die bij dit verhaal hoort. Soms schrijf ik iets op als ik denk dat dat in de buurt komt. Eén titel weet ik: die van de hele serie. Er komt namelijk nog minstens één vervolg op dit verhaal. Maar wat er nu specifiek bij dit ene boek hoort... Ik wacht geduldig af. In ieder geval gaat het manuscript niet titelloos naar de uitgever!
Titel (2)
17 maart 2010
En dan is daar opeens het moment. Dat heldere moment waarop het verhaal mij vertelt welke titel het heeft. Hoe het precies ging, weet ik niet eens meer. Tijdens het herlezen was het daar opeens, helder en klaar. Dit is de titel, geen twijfel over mogelijk. Daar hoef ik dus geen weken meer over na te denken!
Mooi verhaal
22 maart 2010
Het is een mooi verhaal.
Misschien mag ik het helemaal niet zeggen, ik heb het tenslotte zelf geschreven, maar ik kan er niets aan doen. Iedere keer als ik het gelezen heb, als mijn ogen wegdwalen van de laatste regel, de laatste zin, het laatste woord, denk ik: het is een mooi verhaal.
Naar de uitgever
24 maart 2010
Het mooie verhaal in een envelop gedaan, daar het adres van de uitgeverij op geschreven en hem in de brievenbus gedeponeerd.
Het vol spanning wachten kan beginnen...
Ideeën
31 maart 2010
Ideeën en mogelijkheden voor het vervolg beginnen zich al te manifesteren. Beelden, flarden, maar nog geen woorden. Ik verwacht dat het niet lang zal duren voordat de eerste zin van het tweede deel op papier staat...
Het is er
9 april 2010
Het begin is er. Zomaar, middenin de nacht, tijdens zo'n uurtje dat je wel eens wakker ligt. Het moment dat het verhaal begint, de eerste woorden, de eerste alinea, de eerste pagina. Rustig aan weer verder.
En verder?
19 april 2010
Het is een mooi begin.
Nu de rest nog.
Wachten
27 april 2010
Ik had gehoopt dat ik inmiddels wel iets van de uitgever zou horen. Maar helaas, ik moet nog geduld hebben...
Arme Yorr'han
10 mei 2010
Die arme Yorr'han staat daar maar bij dat raam... Een maand nu al en hij komt er maar niet vandaan. Niets komt er uit mijn pen. Ik heb alleen de laatste alinea weggehaald, want daar was ik niet tevreden over, maar ook dat heeft niet geholpen. En Yorr'han staat daar maar. Ik moet hem maar snel weer op weg helpen!
Een stapje terug
11 mei 2010
Je kent dat vast wel: je wilde iets doen, je loopt erheen en je weet het niet meer. Wat dan helpt, is teruggaan (letterlijk) naar de plek waar je bedacht dat je moest doen wat je doen moest. Zo gaat het met schrijven soms ook. Die ene alinea die ik had weggehaald, was niet genoeg. De paar zinnen ervoor moesten ook nog weg. En zie: daar komt het verhaal op gang.
Niet altijd makkelijk, zo'n stap terugzetten. Nu ging het om een paar zinnen, maar het kan ook wel eens om een hele pagina gaan. Of meer. En die ene mooie zin, moet die er dan ook uit? Ja dus. Als je wilt dat je verhaal verder gaat, moet je soms hard ingrijpen. Het is het resultaat dat telt.
Hebbes!
27 mei 2010
Ja, nu heb ik het te pakken! De flow, de inspiratie, 'van boven', de magie. Hoe je het ook noemen wilt. Ik heb het punt bereikt waarop ik het beste schrijf: het verhaal schrijft zichzelf. Niet meer krampachtig nadenken hoe nu verder. Niet meer zoeken. Niet meer denken in plotlijn, concept of structuur, maar de blik naar binnen gericht en schrijven wat je ziet. Dat, en alleen dat, is het verhaal dat verteld wil worden.
Terug naar het begin
27 september
Eindelijk bericht van de uitgever! Ze vinden het interessant, intrigerend, boeiend... Maar. Er is altijd een maar. Er moet nog wat aan verbeterd worden, vinden ze. Dus ga ik terug naar het begin om die verbeteringen aan te brengen.
Hoe nu?
4 oktober 2010
Ik kan het niet meer. Ik heb ideeën, ik weet wat ik wil veranderen op welke plek, maar ik kan het niet meer. Als ik het manuscript opensla en begin te lezen, lijkt het wel of er helemaal geen mogelijkheden zijn om het aan te passen. Alsof je een dichtgetimmerde tafel moet openbreken om er een vijfde poot aan te maken.
Hoewel die vergelijking niet echt opgaat, want met vijf poten verbeter je een tafel niet. En de dingen die ik wil, maken het verhaal toch echt een stuk beter. Misschien begrijpt het verhaal het nog niet helemaal. Of misschien ben ik nog niet op het punt gekomen waar het verhaal ook echt beter kan. Had ik maar een vak moeten leren...
Wat wil ik?
25 oktober 2010
Natuurlijk kan ik het wel. Inmiddels ben ik zelfs al aardig op weg. Alleen... wil ik het? Ik merk dat ik nog twijfel. Wordt het verhaal er echt beter van? Verander ik niet te veel? Lastig, lastig. Maar ik kom er wel uit. Gewoon rustig doorwerken.
Iets nieuws
27 oktober 2010
De twijfel is te groot. Ik kom er niet uit. Dus besluit ik om (eerst) iets heel anders te schrijven. Ik heb nog schriften vol met ideeën en die spit ik door. Er zitten heel wat heel leuke tussen! Hoe moet ik daar nu weer uit kiezen? De leukste zet ik in een document en ik broei er nog even op.
Nieuw boek
28 oktober 2010
De nieuwe verhalen spoken rond in mijn hoofd. Zinnen vormen zich, ik zie beelden waar woorden bij horen. Dit lijkt op de inspiratie die ik lang kwijt was! Gelukkig heb ik vandaag tijd genoeg om eraan te werken. Om de tekst voor een prentenboek op te zetten, om een schema te maken voor het kinderboek. Wie is de hoofdpersoon? Waarom wordt hij uitgekozen door de man in het rijtuig? Wat gaat er vervolgens gebeuren? Het is best leuk, zo'n beginidee, maar het moet wel handen en voeten krijgen om een echt boek te worden, natuurlijk. Gelukkig vind ik dat ook een van de leukste dingen aan dit werk, dat uitpluizen van de wie's en de waar's en de waarom's.
Hoofdpersoon
29 oktober 2010
Om een verhaal te kunnen schrijven, moet je precies weten wie je hoofdpersoon is. In mijn geval een jongen die niet in dromen gelooft. Dat is dus al één ding dat ik weet, en een heel belangrijke, dat hij niet in dromen gelooft. Maar het is nog lang niet genoeg. Want hoe oud is hij, heeft hij vriendjes, is hij verliefd misschien, woont hij in een flat of in een villa, zijn zijn ouders gescheiden of misschien woont hij wel bij een tante of zijn oma. Houdt hij van dropjes, van pindakaas, heeft hij een hekel aan lezen, is hij vaak buiten of speelt hij juist veel computerspelletjes? Allemaal dingen die ik nog niet weet en waar ik de komende dagen achter ga komen.
...
En plotseling weet ik het! Niet alleen wie de hoofdpersoon is, maar ook hoe het verhaal begint. Want met alleen een hoofdpersoon ben je er nog niet. Het verhaal moet er ook zijn. En de hoofdpersoon en het verhaal moeten bij elkaar passen. De eerste zinnen staan al op papier. Nu gauw verder!
Stemmen
1 november 2010
Het eerste stuk staat. Hoera! Wat zeg ik? Het eerste stuk, de eerste twee pagina's!
En het is ook echt begonnen. Beelden vormen zich in mijn hoofd, gebeurtenissen. Ik kan Gideons stem zowat horen. Gideon? Ja, dat is nu dus de hoofdpersoon van dit verhaal.
Hersenschudding
2 november 2010
Nieuwsgierig kruip ik vanochtend weer achter mijn schrijfsels. Nieuwsgierig naar hoe het Gideon vergaat. Waar het naartoe moet, weet ik wel ongeveer. Naar het rijtuigje met rinkelende belletjes, getrokken door een pony en waar een vreemd uitziende man op zit. Maar hoe precies, dat weet ik nog niet. Bovendien wil Gideon helemaal niets van dit verschijnsel weten. Hij negeert het al een tijdje...
En och, arme! Nog maar net ben ik aan het schrijven, of Gideon valt van zijn fiets. Been gebroken en een hersenschudding. En dat allemaal omdat hij zo afgeleid is door dat rijtuig met die vreemde man. Alleen dat laatste, dat zit er nog niet heel duidelijk in. Maar dat komt vanzelf. Ik hoef er niet eens op te wachten. Als altijd, natuurlijk, is de oplossing heel simpel. Gewoon, aan het begin van het verhaal, in een paar zinnen...
Hangen
3 november 2010
Hersenschudding, gebroken been... allemaal goed en wel, maar ik blijf maar hangen in dat eerste hoofdstuk. Die jongen komt het ziekenhuis maar niet uit! Doorschrijven, tot hij vanzelf weer naar huis kan? Of zit er ergens toch iets niet goed?
Eerste hoofdstuk
5 november 2010
Het eerste hoofdstuk is klaar. En na lezing valt het me mee. Ik had gedacht dat ik Gideon veel te lang in het ziekenhuis liet en dat er te weinig gebeurde. Maar dat valt dus heel erg mee. Eens kijken hoe mijn meelezers erover denken. En dan gauw verder!
Ontvouwen
8 november 2010
In het weekend zit ik niet achter mijn bureau. Maar dat betekent niet dat het verhaal dan ook stopt. Gedurende de hele dag, avond en nacht vormen zich beelden en ideeën in mijn hoofd die met het verhaal te maken hebben.
Het grootste deel van het verhaal zal zich afspelen in een andere wereld. Dat klinkt leuk, maar ik moet dan wel precies weten wat voor wereld dat is. Hoe ziet die wereld eruit? Rijden er auto's, is er internet? Is het een ouderwetse wereld zonder elektriciteit en machines? Is het een wereld van beton, van bergen en zeeën of van woud? Wonen er mensen? En hoe zijn die mensen dan? Of leven er trollen en kabouters? Dat moet ik allemaal weten, voordat ik er goed over kan schrijven. Zodat ik precies weet wat Gideon allemaal wel en niet kan tegenkomen als hij daar eenmaal is. Net zoals dingen die daar gewoon zijn, of juist niet. Wat eten ze, wat doen ze als er iemand doodgaat of ziek is? Zijn er scholen?
In mijn gedachten ontvouwt zich langzaam deze wereld in mijn hoofd. Het hele weekend door. Zodat ik op maandag weer achter mijn bureau kan kruipen en verder kan schrijven, zonder dat ik nog van alles moet bedenken.
Valt toch tegen...
9 november 2010
Al dagen zit ik aan te hikken tegen het beschrijven van de droom die Gideon heeft. Het lukt gewoon niet! Een halve pagina met doorgestreepte regels heb ik voor me en wat vage beelden in mijn hoofd. Een overtuigende droom wordt het maar niet. Bah.
Natuurlijk!
10 november 2010
Dromen doe je als je slaapt. Dus toen ik gisteravond in bed lag (ietwat chagrijnig van een vruchteloze schrijfloze dag), zag ik het opeens voor me. De woorden stroomden mijn hoofd in. Meteen uit bed gesprongen natuurlijk om het op te schrijven. Want één ding is zeker: alles wat 's avonds en 's nachts overduidelijk lijkt, ben ik de volgende dag weer vergeten.
Eerste zin
12 november 2010
De eerste zin is altijd het moeilijkst. En er zijn veel eerste zinnen in een boek...
Ieder nieuw hoofdstuk begint met een eerste zin. Iedere keer dat ik ophoud met schrijven, moet ik weer starten met een eerste zin. Nu denk je misschien: wat een geneuzel over een eerste zin, maar vergis je niet! Als de eerste zin goed is, volgt vanzelf de tweede en dan de derde en zo verder. Als de eerste zin goed is, volgt dus de rest vanzelf.
Maar voor je die eerste zin hebt... Soms zit hij al dagen in mijn hoofd en hoef ik alleen een gelegenheid te creëren om hem op te schrijven (en alles wat erna komt). Maar soms doe ik er dagen over voordat hij op papier staat. Dan wil het gewoon niet lukken. Dan ga ik maar mijn mail lezen, of op Hyves kijken. Of ik schrijf een zin op en kras hem weer door omdat het niet de goede eerste zin is. Zo'n eerste zin is soms een ware marteling voor een schrijver!
Maar vandaag gelukkig niet. Ik ging zitten, schreef de eerste zin en voor ik het wist was ik anderhalve pagina verder. Kijk, dat zijn nou fijne eerste zinnen!
Aantekeningen
11 november 2010
De hele dag, bij alles wat ik doe, loopt het verhaal op de achtergrond mee. Geleidelijk aan vormt zich zo een beeld van het tweede hoofdstuk. Wat komt er in aan bod, welke woorden ga ik gebruiken, wat gebeurt er? Aan het eind van de dag heb ik een vrij helder beeld. Ik maak gauw aantekeningen, voordat ik het weer kwijt ben. Je weet het nooit namelijk, met verhalen. Ze komen en gaan wanneer ze er zin in hebben en als je even vergeet iets op te schrijven, kun je weer opnieuw beginnen.
Overbrugging
17 november 2010
Als je een verhaal schrijft, kom je vroeg of laat op een punt tussen twee actiemomenten in. Het ene is voorbij, het andere nog niet begonnen. Het andere kan ook nog niet beginnen, want er mist nog wat. Die tussenstukken, die overbruggingen, zijn het lastigst om te schrijven. Er gebeurt niet echt veel en het verhaal wacht erop om verder te gaan. Op zo'n stuk zit ik nu.
En ik weet het wel. Ik moet namelijk ook nog wat informatie kwijt over de hoofdpersoon. Over hoe hij leeft, over de relatie met zijn ouders. Zijn moeder, die hem iets te veel vertroetelt en zijn vader die dat juist weer te weinig doet. Zo'n overbrugging is daar uitermate geschikt voor. Maar wat is het lastig!
Ik hoop maar dat ik er snel uitkom, zodat ik weer verder kan in de vaart van het verhaal.
PS: Achteraf merk je als lezer helemaal niets van het geworstel van de schrijver. Dan lees je gewoon lekker over zo'n tussenstuk heen zonder dat je het in de gaten hebt.
Zomaar opeens vanzelf
22 november 2010
Soms is het een heel geworstel. Dagenlang komt er niets uit mijn vingers, niets uit mijn pen. De woorden gaan stroef, de zinnen rijgen zich niet aaneen.
Maar dan ineens gaat het allemaal weer vanzelf. Zomaar. Ik pak mijn schrift en mijn pen, lees wat ik de laatste keer geschreven had en dan zie ik het duidelijk voor me. De woorden stromen uit mijn hoofd, door mijn pen, zo op het papier. Voor ik het weet, ben ik bladzijden verder en is er weer een hoofdstuk klaar!
Moeizame start vs. lekker doorgaan
30 november 2010
Gisteren was niet zo'n beste schrijfdag. Het duurde lang voordat ik iets op papier zette. Toen ik dat uiteindelijk toch deed, merkte ik tijdens het schrijven al dat het niet goed was wat ik opschreef. Maar ik ging toch maar door. Later, toen ik al in mijn warme bedje lag, wist ik opeens waarom het niet goed was. Te afstandelijk. De lezer zou zich gewoon niet lekker laten meevoeren. Met die wetenschap viel ik in slaap.
En nu gaat het wel heel goed! Ik heb het hele stuk van gisteren erbij gepakt en er een groot kruis doorheen gezet. Op een nieuwe pagina ben ik opnieuw begonnen. Er gebeurt hetzelfde, maar het is veel spannender. Veel echter. En dan schrijft het ook veel lekkerder. Ik had zeker gewoon een dagje nodig om weer in het verhaal te komen.
Lezen
1 december 2010
Van schrijven komt lezen. Lezen wat je geschreven hebt. Of het allemaal wel klopt. Of het wel is zoals je dacht dat het moest zijn toen je het opschreef. Het is noodzakelijk om tussendoor steeds te lezen, zodat je zeker weet dat je niet verkeerd bezig bent. Het is beter om een hoofdstuk, of een paar hoofdstukken, te herschrijven, dan een heel boek.
En al gauw kom ik erachter dat het maar goed is dat ik aan het lezen ben geslagen! In de roes van het schrijven had ik me alleen maar gericht op Gideons hersenschudding. Helemaal vergeten dat hij ook nog een gebroken been had! Gelukkig zijn het nog maar drie hoofdstukken en gelukkig is het maar op een paar plekken in het verhaal aan de orde. Snel aanpassen dus, en niet meer vergeten!
Waar gaat het eigenlijk over?
3 december 2010
Voordat je een goed verhaal kunt schrijven, moet je goed weten over wie het gaat. Een van de basisregels is dan ook dat je vantevoren heel goed weet wie je hoofdpersoon is. Niet alleen hoe hij of zij heet of hoe oud hij of zij is, maar ook hoe je hoofdpersoon woont, met wie, wat zijn hobby's zijn, van welke muziek hij houdt, enzovoort. Er bestaan zelfs vragenlijsten waarmee je je hoofdpersoon kunt 'interviewen' om daar achter te komen.
Bij mij heeft dat nog nooit zo gewerkt. Hoofdpersoon en verhaal zijn zo met elkaar verweven, dat vantevoren bedenken wie precies mijn hoofdpersoon is, nergens op slaat. Een beetje wel, natuurlijk. Ik moet weten of het een jongen of meisje is, en hoe oud hij of zij ongeveer is, maar daar houdt het wel mee op. Als ik een gevoel heb bij de hoofdpersoon én bij het verhaal, dan begin ik te schrijven. Verhaal en hoofdpersoon ontwikkelen zich dan vanzelf en tegelijkertijd.
Als ik een stuk geschreven heb, dan ga ik eens kijken hoe het in elkaar steekt. En daar ben ik nu. Drie hoofdstukken van het verhaal zijn af. Nu heb ik een goed beeld van mijn hoofdpersoon. Naam, leeftijd, hoe hij woont, hoe hij met zijn ouders omgaat, dat hij graag computerspelletjes speelt, dat hij hockeyt. En wat er in het verhaal gebeurt.
Wat ik nu ga doen, is kijken wat ik daarmee kan. Wat gaat er verder gebeuren in het verhaal, hoe zal Gideon (want zo heet mijn hoofdpersoon) op de verschillende gebeurtenissen reageren? Dat ga ik nu eerst uitpluizen, en daarna verder schrijven aan het verhaal.
Uitgever
7 december 2010
Ik kreeg een mailtje van de uitgever: het lijkt ze een leuk idee! Ik had namelijk een tijdje geleden het idee van dit verhaal naar ze gemaild. Nu willen ze de eerste hoofdstukken lezen. Spannend! Zouden ze het goed genoeg vinden? En wat als ze het niet goed genoeg vinden? Schrijf ik dan toch verder? Ik ga me daar nu maar niet druk over maken. Het duurt toch een hele tijd voordat ze reageren, en dan ben ik al halverwege het verhaal. Nu eerst met de stofkam door de eerste drie hoofdstukken. Ik stuur ze pas op als ik er helemaal tevreden over ben!
Weg
9 december 2010
De eerste hoofdstukken zijn verstuurd naar de uitgever. Afwachten maar wat ze ervan vinden!
Vast
14 december 2010
Het lijkt wel of het helemaal niet meer wil. Het begin van het vierde hoofdstuk gaat zo moeizaam! Waarom is Gideon dan ook niet meteen met die man mee gegaan? Nu moet ik hem zover zien te krijgen dat hij dat wel gaat doen. Hij verveelt zich nog te pletter met die hersenschudding en dat gebroken been. Verveling is nu eenmaal niet leuk om over te schrijven. Snel doorgaan maar, er gebeurt vast binnenkort weer iets spannends.
Nu wordt het spannend
16 december 2010
Natuurlijk wilde het niet. Natuurlijk ging het begin van het volgende hoofdstuk zo moeizaam! Het verhaal was nog helemaal niet toe aan een nieuw hoofdstuk! Eerst moest Gideon besluiten toch met die vreemde man mee te gaan naar zijn wereld. Dat heeft hij gedaan. Nu kan ik lekker verder schrijven over hoe hij daar dan komt en wat er dan gaat gebeuren... (spannend hè?)
Ik weet wat me te doen staat
22 december 2010
Ik weet het antwoord op mijn vraag van een paar weken geleden. Mijn vraag wat ik zou doen als de uitgever mijn hoofdstukken niet goed zou vinden. Gisteren ontving ik een mailtje. Er stond nog niet in wat ze precies niet goed vinden en hoe erg het is, dus misschien valt het wel mee. Ze willen wel dat ik (iets anders) voor ze schrijf...
Maar ik weet wat me te doen staat. Ik ga eerst weer terug/verder met wat anders. Mijn manuscript over Argadwyn ligt er namelijk ook nog. Daar ga ik nu eerst mee aan de slag, zodat dat perfect in orde is.
... of toch niet?
23 december 2010
Ooh... is dat alles! Nou, dat valt nog best mee. Daar kan ik gemakkelijk mee uit de voeten zonder het hele verhaal om te gooien.
Ik ontving net een mailtje van de uitgever, met de punten waar ze over struikelde in de eerste paar hoofdstukken. Geeft niks! (zoals mijn kinderen zeggen.) En ze willen toch graag dat ik (ook) een ander boek voor ze schrijf.
Ineens weet ik het niet meer zo zeker. Wat ga ik nu doen? Verder met Argadwyn, toch door met Gideon, of bedenken waar dat andere boek over zou moeten gaan? Hmm.... (krabt zich eens flink onder de kin.)
Idee!
24 december 2010
Het mag dan kerstmis zijn, in het schrijfkamertje in mijn hoofd gaat het werk gewoon door. Zo gebeurt het dat ik tijdens het optutten voor het diner bij familie ineens Het Idee krijg voor een nieuw verhaal. Het idee dat past bij wat de uitgever wil en dat ook nog een echt Femke-verhaal is. Snel gris ik nog een schrift en een pen mee, zodat ik in de auto de belangrijkste dingen kan opschrijven.
Nog diezelfde avond, thuis en al in bed, doemen de eerste zinnen van het verhaal in mijn hoofd op. Mijn ervaring is dat ik die morgen niet meer weet. Hoe graag ik ook wil slapen, ik kruip achter mijn bureau en schrijf die eerste zinnen op. Die worden de eerste alinea, de eerste pagina, de tweede pagina. Is dit dan het begin van een nieuw verhaal?
Omgekeerd
30 december 2010
Bij het begin van het tweede hoofdstuk weet ik opeens: de hoofdpersoon en haar vriendin zijn omgedraaid. Niet de vriendin is sceptisch over wensvervullende doosjes en waarzegster, maar Greetje zelf! Natuurlijk! Dat maakt het verhaal meteen een heel stuk interessanter. Gelukkig hoef ik daarvoor in het eerste hoofdstuk alleen maar een paar zinnetjes aan te passen. Loopt het ook meteen lekkerder.
Dit is dus inderdaad het begin van een nieuw verhaal. Maar voor Gideon weet ik ook hoe ik het ga aanpakken. Die staat wel even in de ijskast, maar komt er binnenkort echt wel weer uit.
Kill your darlings
31 december 2010
Ik sta heerlijk oliebollen te bakken - zo'n bezigheid waarbij je niet hoeft na te denken, en intussen lees ik een artikel over kinderboeken in de krant. Krijg ik me daar toch ineens een idee voor mijn verhaal over Greetje! Alleen, bedenk ik later, moet ik daarvoor het hele tweede hoofdstuk opnieuw schrijven. Kill your darlings, noemen ze dat. Nou ja, het verhaal wordt er alleen maar beter van, zullen we maar denken.
Zoek de urgentie
3 januari 2011
Een verhaal moet urgentie hebben. Er moet iets zijn waardoor de hoofdpersoon doet wat ze doet. Waarom gaat iemand ergens naartoe? Waarom wil iemand iets? Waarom gaat Geertje toch het wensendoosje gebruiken? Ik weet het niet! Er moet toch iets zijn wat ze heel belangrijk vindt. Misschien moet ik ook maar gewoon verder schrijven, dan merk ik het vanzelf. Zo gaat het immers altijd.
Fietsen in de regen
of hoe een verhaal zichzelf schrijft
5 januari 2011
Ik heb het in dit blog al vaker gehad over verhalen die zichzelf schrijven. Maar wat bedoel ik daar nu eigenlijk mee? Wat is een verhaal dat zichzelf schrijft?
Een nieuw hoofdstuk begint met Greetje die door de regen en tegen de wind in fietst. Waarom het rotweer is, weet ik niet. Misschien omdat het bij haar stemming past, of misschien omdat het voor het verhaal beter is dat ze er echt moeite voor doet en niet dat ze fluitend in de stralende zon fietst.
Terwijl ik schrijf, denk ik daar helemaal niet over na. Het voelt goed, dus ik schrijf gewoon. Het gaat me er meer om waar ze naartoe gaat. Naar de kermis namelijk, omdat ze terug wil naar de waarzegster waar het verhaal mee begon. Alleen, het is niet de bedoeling dat ze de waarzegster vindt. Hoe dat in zijn werk gaat, weet ik ook nog niet, maar ik schrijf gewoon door. En ik vertrouw op het verhaal.
Daar is de kermis. Maar het is stil. Er is niemand. Greetje zet haar fiets neer en loopt het terrein op. En dan snapt ze het: het waait en regent veel te hard voor de kermis! De wagentjes van het reuzenrad slingeren heen en weer door de wind. Geen waarzegster dus! Precies zoals de bedoeling was. Als de zon nu had geschenen en er geen zuchtje wind had gestaan, had ik wel een heel goede smoes moeten bedenken waardoor Greetje de waarzegster niet zou ontmoeten. Maar dat hoeft dus niet. Het verhaal zorgt er zelf voor dat alles klopt en in elkaar past. Ik hoef het alleen maar op te schrijven!
Helemaal anders
10 januari 2010
Het afgelopen weekend heb ik eens goed nagedacht over mijn verhaal over Greetje. Het zat me niet helemaal lekker. Het liep niet lekker, er klopten dingen niet. Maar wat, daar moest ik nog achter komen. Dat is dit weekend gelukt. Geen computer, niet schrijven. Wel wandelen, luieren en nadenken. En toen wist ik het! Het moest gewoon anders. Niet een beetje anders, maar heel anders. De hoofdstukken die ik nu heb, gaan dus de prullenbak in.
Is dat erg? Nee, helemaal niet. Ik ben blij dat ik nu weet hoe het verhaal echt gaat. Het wordt er alleen maar beter van. En leuker. En misschien ook mooier. Dus nu ga ik gauw aan het werk!
PS: Dat stuk waar ik vorige keer over schreef, over fietsen in de regen, dat blijft er wel in hoor.
Beter verhaal
11 januari 2011
Dat herschrijven valt nog reuze mee! De stukken die er niet meer toe doen heb ik eruit gehaald en dan blijft er nog heel wat over. Het verhaal wordt er zelfs beter van! Alleen, hier en daar zitten er wat verwijzingen in naar gebeurtenissen die niet meer komen. En die verwijzingen maken het verhaal spannend. Als ik ze eruit haal, gaat dat dus ten koste van het verhaal. Daar ga ik vandaag wat op verzinnen.
Ik heb ook een mail naar de uitgever gestuurd met het nieuwe idee. Ik wacht vol spanning af wat ze ervan vinden...
Moeizaam
17 januari 2011
Ik kan me niet herinneren dat ik ooit zo'n moeite had met het schrijven van een verhaal. Het lijkt wel, of het verhaal en ik het totaal niet met elkaar eens zijn. Ik heb al wel vier keer de boel omgegooid, een keer alles weer teruggezet, maar ik raak maar niet tevreden. Wat is dit toch? Moet ik een andere pen pakken misschien? Ik weet het niet. Voorlopig worstel ik nog maar even verder...
Gevonden!
20 januari 2011
Het verhaal en ik hebben elkaar weer gevonden. Na dagenlang aanmodderen, wijzigen en veranderingen weer terugveranderen heb ik gisteren weer een heel stuk achter mekaar door geschreven. Eindelijk had ik weer het gevoel dat ik heerlijk aan het schrijven was. Daar ga ik nu gauw mee verder. Joepie!
Bericht van de uitgever
3 februari 2011
Hoera! Goed nieuws van de uitgever. Ze vinden mijn aangepaste idee goed. Dan kan ik fijn verder schrijven. Nog maar één hoofdstuk te gaan.
Drie hoofdstukken
11 februari 2011
De eerste drie hoofdstukken en de synopsis (samenvatting) naar de uitgever gestuurd. Nu maar afwachten wat ze ervan vinden. En vandaag ga ik echt het laatste stuk schrijven.
Geen zin meer
15 februari 2010
Het is erg. Het is verschrikkelijk. Ik geloof niet dat ik dit al eerder heb meegemaakt. Ik heb helemaal geen zin meer in het verhaal. Het is nog steeds niet gelukt om verder te schrijven - om het eindelijk af te schrijven. Misschien passen we toch niet zo goed bij elkaar, het verhaal en ik. Terwijl het idee op zich best leuk is: een meisje (Greetje) krijgt van een waarzegster een doosje dat al haar wensen vervult. Maar Greetje gelooft niet in waarzegsters en al helemaal niet in doosjes die je wensen vervullen. Toch is ze nieuwsgierig en ze doet wat testjes. Het lijkt erop dat al haar wensen uitkomen. Of is het toeval?
Nou? Spannend toch? Maar verder schrijven lukt dus niet. Misschien moet ik maar eens een lange wandeling maken.
De Dag dat Alles Goedkwam
17 februari 2011
Ik dacht echt dat het over was. Dat ik het verhaal in een la zou leggen, zo ver mogelijk, en er nooit meer naar zou kijken.
Maar zo ging het niet. Ik lag 's nachts een uurtje wakker en ineens kreeg ik weer een idee. Gisteren ben ik daarmee aan de slag gegaan. Ik schreef zomaar een hoofdstuk! En nog een hoofdstuk! En nu is het bijna klaar! Jongens, wat ben ik daar blij mee. Komt het toch nog goed. Altijd weer. Zelfs als je er helemaal niet meer in gelooft.
Bijzonder uitstapje
22 februari 2011
Schrijven is meestal in je eentje achter een bureau zitten, opgesloten in je hoofd met je hoofdpersonen in een omgeving die (in mijn geval) totaal niet lijkt op de normale omgeving. Maar soms maak je iets bijzonders mee.
Je moet namelijk wel zorgen dat je geen onzin opschrijft. Mijn hoofdpersoon Greetje doet aan schoonspringen en ik weet daar helemaal niets vanaf. Ik kan natuurlijk wel van alles verzinnen, maar als iemand dan het boek leest die wel weet hoe dat gaat, dan denkt die: Daar klopt helemaal niets van! Dus ging ik kijken bij een training van het schoonspringen. Dat was leuk en ik ben nog heel wat te weten gekomen. Nu kijken hoe ik die werkelijkheid in mijn verhaal kan vlechten.
Wat nu?
28 februari 2011
Het boek nadert zijn einde. Nog een paar laatste puntjes op de i, maar veel meer kan ik nu niet doen. Rest mij niets dan wachten. Als het goed is, krijg ik deze week te horen van de uitgever wat ze ervan vinden. Of ze het hele manuscript willen lezen. Of ze het willen publiceren.
En intussen? Intussen zijn er nog heel veel andere dingen te doen die met schrijven en gelezen worden te maken hebben. Ik ben bezig met een uitgave van Het geluk van de slak. Ik heb een folder naar scholen gestuurd over een schrijversbezoek aan de klas. Er gaat een prentenboek naar een uitgever. En in mijn hoofd spoken de nieuwe verhalen alweer rond, vechtend om als eerste opgeschreven te worden.
Einde
10 maart 2011
Ik stop ermee. Ik hou ermee op. Nee, niet met schrijven! Maar wel met dit verhaal. Het was niks, het werd niks en het zal ook nooit wat worden. Dus heb ik besloten dat ik ermee ophou.
Vreemd genoeg is het geen opluchting. Het was toch een leuk idee. En er zit een hoop werk in. Maar toch stop ik. Om ruimte te maken voor nieuwe verhalen om mee verder te gaan. Welk verhaal dat wordt, en waar het over gaat, dat weet ik nog niet. Maar als ik het weet, hoor je het meteen! Hier, op dit blog.
Nieuw verhaal
14 maart 2011
Ik zou het laten weten als ik aan een nieuw verhaal begon. En, beloofd is beloofd: ik ben aan een nieuw verhaal begonnen! Het eerste hoofdstuk is zelfs al af. Nee, ik zeg nog niet waar het over gaat. Ik hou het nog even spannend...
Schrijversdilemma
15 maart 2011
Het gaat lekker met het nieuwe verhaal! Over het eerste hoofdstuk ben ik niet zo tevreden, daar moet ik nog flink aan herschrijven. Maar het tweede hoofdstuk is al een stuk beter. Nu zit ik weer met een dilemma. Wat zal ik doen: eerst het eerste hoofdstuk herschrijven, of toch maar gewoon verder schrijven? Eerst het verhaal helemaal uitdenken, of toch maar gewoon verder schrijven en wel zien hoe het verhaal gaat? Het gaat wel zo lekker nu. Ik denk dat ik maar doorschrijf.
Allemaal verrassingen
28 maart 2011
Doorschrijven was een goed idee! Het wordt steeds leuker, ik kom steeds weer nieuwe verrassingen tegen. Eerst een steen die kan praten (en erg veel schijnt te weten), dan een verlaten huis met een bezem voor de deur - dat moet iets te betekenen hebben! En nu weer een waterpomp met heel speciaal water. Hoe speciaal, daar moet mijn hoofdpersoon nog achter komen, maar ik weet het al. En ik hou het lekker nog even geheim. (Anders is het niet eerlijk voor mijn hoofdpersoon, vind je ook niet?)
Het leukste beroep
1 april 2011
Eventjes had ik een inzinking. Even zag ik het helemaal niet meer zitten met dit verhaal. Wat ik de laatste keer geschreven had, was bagger. Het ging ook al zo moeizaam. En dan had ik ook nog het eerste hoofdstuk dat ik niet goed vond. Dat moest nodig herschreven worden. Dus sprak ik met mezelf af: ik herschrijf het eerste hoofdstuk. Als dat niet lukt, hou ik ermee op.
Dat was een goede afspraak. Want ik schreef. En ik bleef schrijven! Ik kon niet meer stoppen. Hoera, ik mag verder met dit verhaal!
En ik weet het weer helemaal zeker: schrijver is het allerleukste beroep van de hele wereld.
Midden in de nacht
8 april 2011
Daar loop je dan over straat, 's avonds laat in het donker. Gewoon, in mijn eigen durp. Maar met in mijn achterhoofd mijn hoofdpersoon die op weg is naar een ruïne waarvan ze zeggen dat het er spookt, is het toch anders.
Ik loop hier om de details in me op te nemen. Achter mijn schrijftafel kan ik het wel verzinnen, maar als ik het wéét, kan ik er veel beter over schrijven. Hoe valt het licht, hoe is het donker en vooral: hoe bewegen de schaduwen? Hoe stil is het, welke geluiden zijn er? Hoe zien de bomen eruit in het donker?
En dan is mijn eigen dorp opeens vreemd. En zelfs een beetje... eng.
Overwinning op een lastig stukje
11 april 2011
Soms heb je een lastig stukje om te schrijven. Zo'n stukje waar je maar niet uit komt. Dat maar niet wil worden zoals het moet. Steeds maar weer opnieuw beginnen en terwijl je schrijft weten dat het weer niet wordt zoals het moet.
Vandaag weer vol goede moed verder. Eerst lees ik wat ik vorige keer geschreven heb. En ineens zie ik het. Na een paar zinnen al weet ik hoe het wel moet. Welke woorden ik moet gebruiken. Gauw schrijf ik ze op, zodat ze me niet ontglippen. Daarna gooi ik twee pagina's tekst weg. Daar heeft toch niemand wat aan.
Terug naar Argadwyn
13 april 2011
Zo. Even wat anders vandaag. Al heel lang lag het verhaal van Argadwyn te wachten om herschreven te worden. Of in ieder geval stukken aan te passen. Vandaag heb ik dan maar de moed gevat... Het manuscript in mijn tas gestopt, ermee naar de kroeg gegaan en het daar gelezen (in ieder geval de eerste hoofdstukken).
Wat een goed verhaal, eigenlijk! Helemaal niet gek. Ik raakte er helemaal in verloren. Daar ga ik nu dus eerst mee verder. Het ridderverhaal komt wel weer eens.
Ik kreeg trouwens, tijdens het lezen, nog heel leuke ideeën voor erbij. Voor een boek met een beetje extra. Maar of dat allemaal kan, moet ik eerst uitzoeken. En als het kan, dan laat ik het hier meteen weten, natuurlijk!
Verbeteringen
20 april 2011
Echt jammer dat ik Argadwyn zo lang heb laten liggen. Meer dan een jaar heb ik er niets aan gedaan! Misschien ook wel goed, dan kijk ik er weer met een frisse blik naar. De stukken die ik al herschreven had, kan ik zo overnemen. Die zijn een verbetering. Of ik er daarna heel veel aan moet doen, weet ik nog niet precies. Nu ben ik een nieuw hoofdstuk aan het schrijven, dat moet op ongeveer eenderde tussengevoegd worden. Het schrijft best wel weer lekker. En het is leuk om weer in Argadwyns wereld te vertoeven en nieuwe dingen te ontdekken, samen met Argadwyn.
Hoofdstuk
27 april 2011
Het hoofdstuk is klaar. Wat ik ervan vind, weet ik nog niet. Eerst maar eens rustig lezen en kijken of het doet wat mijn bedoeling was. En dan weer verder bouwen.
Is dit alles?
17 mei 2011
Je hebt weleens zo'n lastig stukje. Dat je precies weet wat je moet schrijven, maar het wil niet lukken. Steeds als je vol goede moed gaat zitten, denk je: Nee, toch maar niet. Of je schrijft een paar zinnen en schrapt ze meteen weer. De sfeer, het gevoel dat je wilt overbrengen komt niet uit je pen.
Maar stiekem, ook al komt er niks op papier, ben je er toch mee bezig. In je hoofd. Al is het maar omdat je ertegenaan hikt. Omdat je denkt dat je dit echt nooit goed onder woorden kan brengen. En dan komt het moment dat het opeens wel gaat. Dan vliegt het eruit. Dan staat het op papier en is het goed. En denk je: is dit nou alles?
Zo gaat-ie goed
31 mei 2011
Het is nog best veel wat ik moet herschrijven: de helft van het verhaal ongeveer en dat is ruim honderd bladzijden. Maar daar moet ik niet aan denken. Ik moet eraan denken dat ik al vier hoofdstukken herschreven heb. Kijk, dan schiet het op. En het mooie is: het vijfde kan zo mee. Huppetee. Ik hoef maar een paar zinnen te veranderen, te schrappen of juist toe te voegen. Weer een hoofdstuk herschreven! Op naar het zesde.
Zoveel inspiratie
1 juni 2011
Een schrijfdag helemaal voor mezelf! Het is mooi weer, ik pak de bus met in mijn tas het verhaal en het plan om op een fijne plek te gaan zitten en daar ook een paar uur te blijven. Laat de woorden maar komen!
Voordat ik op mijn schrijfplek ben aangekomen, heb ik al een mooi gesprek gehad met zomaar iemand onderweg en een bijzondere ontmoeting. Ook voor de rest is het een inspirerende dag. Het schrijven gaat zo lekker dat ik het gevoel heb: dit kan niet anders dan een heel goed boek worden dat iedereen wil lezen! De afsluiting van de dag is helemaal fantastisch: dat je ontroerd kunt raken van zomaar wat klanken, woorden uit een nietbestaande taal. Als dat niet fijn schrijven is!
Een grote berg puzzelstukjes
7 juni 2011
Zo ziet mijn bureau er nu uit: als een enorme berg puzzelstukjes die op de juiste plek gelegd moeten worden. Vellen papier met mijn uitgeprinte verhaal, vol met krassen, pijlen, stukken tekst tussengevoegd, verwijzingen naar andere pagina's. Omdat een scène op een andere plek in het verhaal komt. Of juist helemaal moet verdwijnen. Het herschrijven van Argadwyn valt nog niet mee. Het wordt zelfs steeds lastiger, hoe verder ik kom.
Er moet heel veel geschrapt worden, maar wat precies? Wanneer is het te veel, zodat het verhaal onduidelijk wordt? Welke scène kan ik beter wel laten staan omdat die in het verhaal eigenlijk niet mag ontbreken? En dat stuk van het verhaal dat ik daar heb weggehaald, waar moet dat nu terugkomen? Want het moet erin blijven, anders klopt het verhaal niet meer.
Puzzelen dus. Stukje voor stukje neerleggen, aansluiten op andere stukjes. En intussen ook het grote geheel niet uit het oog verliezen...
De botte bijl
22 juni 2011
Soms is schrijven niets meer en niets minder dan de botte bijl hanteren. Vooral als je kritisch aan het herschrijven bent. Alles wat niet zinvol is voor het verhaal, moet je eruit hakken. Mooi geschreven? Dat maakt niet uit. Als het niets toevoegt, dan moet het mes erin. Weg ermee!
"Kill your darlings" noemen ze dat ook wel. Dood je lievelingen. Soms voelt het inderdaad echt zo. Maar mijn grootste 'darling' is het verhaal. Dat moet helemaal perfect zijn. En als ik daarvoor stukken die er niet toe doen moet opruimen, dan moet dat maar. Hoe mooi ze ook zijn. Ook al is dat niet altijd makkelijk...
Nieuw inzicht
4 juli 2011
Ik had niet gedacht dat Argadwyn nog verrassingen voor me had. Toch krijg ik tijdens het herschrijven nieuwe inzichten. En niet alleen nieuwe inzichten, maar ook een nieuwe, fundamentele vraag. Als die niet beantwoord wordt, kan het hele verhaal de prullenbak in... Of zal ik de vraag en het antwoord erop doorschuiven naar het volgende deel?
Nog drie hoofdstukken
15 juli 2011
De berg puzzelstukjes is geslonken tot een klein hoopje. Dat hoopje, plus een paar nieuwe scènes, worden de laatste drie hoofdstukken. De laatste drie!
Over één scène twijfel ik nog. Die zit in het hoopje puzzelstukjes. Ik weet nog niet of die scène in het verhaal blijft. Het is dus tot het laatste hoofdstuk spannend hoe het uiteindelijk wordt!
De laatste punt
18 juli 2011
18 juli 2011, 15.05 uur. De laatste punt is gezet. Argadwyn is af!
En nu? Ik voel geen rondedansje opkomen, heb ook geen zin in champagne. Het voelt eerder... leeg. Zo veel uren heb ik doorgebracht met Argadwyn, met het vinden van woorden die goed beschrijven wat ze doet, hoe ze zich voelt, waarom het allemaal zo is. En nu ineens is het af. Klaar. Over.
Maar gelukkig niet helemaal. Over een paar dagen, als ik het even heb laten rusten, mag ik het nog een keer helemaal lezen. Om te kijken of de woorden wel echt allemaal op de juiste plaats staan. Dan hoef ik nog geen afscheid te nemen. Gek, hoe zo'n personage je zo dierbaar kan worden.
Leeg
20 juli 2011
Raar hoor, onwerkelijk. Wakker worden zonder verhaal in je hoofd. Vreemd leeg is het, nu Argadwyn af is. Nu merk ik pas dat ik altijd, al-tijd, en overal, o-ver-al, met het verhaal in mijn hoofd rondliep. Ook als ik het heel druk had met andere dingen. Ook als ik helemaal geen tijd had om eraan te denken. Altijd was er die drang om verder te schrijven, dat afvragen hoe het verder zou gaan, hoe het verder moest.
Dus nu loop ik hier maar wat in mezelf te kletsen, over hoe raar het nu is, en hoe leeg. En moet ik mezelf enorm beheersen om het verhaal echt een tijdje te laten liggen voor ik het nog een laatste keer lees. Raar hoor.
Nog niet klaar
25 juli 2011
Lezen, lezen, lezen. Woorden schrappen, zinnen veranderen. Die ene scène toch herschrijven. Lezen. Alle wijzigingen opslaan. En weer lezen. Klaar? Dat had ik gedacht.
Ik heb gezegd dat ik streng zou zijn. Dus die hoofdstukken ongeveer halverwege, waar het verhaal inzakt, waar het voortkabbelt zonder dat het spannend is, moet ik herschrijven. Niet lui zijn. Ik wil een mooi verhaal. Een goed verhaal. Dan moet ik werken. Werken tot het klaar is. Echt, helemaal klaar. En dat gaat niet vanzelf.
Nu dan: af
3 augustus 2011
Precies twee weken geleden was ik "klaar" met Argadwyn. Ik had de laatste punt gezet. Maar ik had niet het gevoel dat ik klaar was. Ik kon Argadwyn niet uit mijn hoofd zetten.
Nu ben ik wel klaar. De afgelopen weken heb ik nog wat verbeterd. Heb ik stukken herschreven, zodat het verhaal net wat spannender is.
Of ik daar echt in geslaagd ben, moeten de proeflezers nog beoordelen. Zij gaan er de komende tijd heel kritisch mee aan de slag. En ik moet het verhaal laten rusten.
Ik kan niet schrijven
15 augustus 2011
Soms is de schrijver ontzettend onzeker.
De reacties van de proeflezers op Argadwyn druppelen langzaamaan binnen. En ze zijn kritisch! En streng! Dat moet ook, want daar heb ik ze op uitgekozen. Zij moeten zien wat ik niet meer zie, vertroebeld als mijn blik is doordat ik het verhaal door en door ken.
Dus ben ik opeens onzeker. Ik kan niet schrijven. Het wordt nooit wat. Anderen kunnen het veel beter.
Ik weet wat ze bedoelen, die proeflezers. Ik weet waar ik blind voor was. En ik weet wat ik eraan kan doen. Dit verhaal kan beter. Ik kan het beter.
Al schrijvend voelt het ook zo. Onder de vloeiende inkt van mijn pen voel ik het verhaal beter worden. Nog beter. Nog mooier. Nog even doorwerken, dan is het perfect. Nou ja... bijna perfect.
Schrijven is net verven
24 augustus 2011
Schrijven is schrappen. Iedere (beginnende) schrijver krijgt het een keer te horen. Jouw met passie, wanhoop en frustratie geschreven verhaal met een kwart, een derde of misschien zelfs de helft reduceren, tot de essentie overblijft. En daarmee een echt goed verhaal.
Ik herinner me niet meer het precieze moment dat ik er voor het eerst van hoorde. Het zal op de havo geweest zijn. Schrijven is schrappen. Ik begreep het niet. Ik moest juist altijd van alles erbij schrijven.
Jarenlang dacht ik dat ik dan wel een slecht schrijver zou zijn. Ik schrapte niet. Ik schuurde en schaafde, dat wel. En ik schreef erbij.
Nu weet ik hoe het zit. Schrijven is als verven. Eerst breng je de basis op, de grondverf. Die ga je schuren, opruwen. Rotte plekken haal je eruit ("kill your darlings"). En dan breng je de volgende laag op, de kleur. Om de personages verder uit te diepen, om de plot nog kloppender te maken. Die laag moet je weer schuren. Dan volgt de volgende laag met kleur. De spanning, het gevoel. Steeds een laagje erbij, steeds verfijnder. Tot alle oneffenheden weg zijn. Schrijven is net verven. Een boek is net een deur.
Groot compliment
2 september 2011
"Op sommige momenten had ik het gevoel dat ik erbij was." Dat is wat je als schrijver probeert te bereiken, dat je lezers het gevoel hebben dat ze er echt bij zijn. Ik doe dan ook erg mijn best om dat voor elkaar te krijgen. Soms is dat best moeilijk. Je moet namelijk als schrijver ook het gevoel hebben dat je erbij bent als je het opschrijft. Dat betekent: afsluiten van de buitenwereld. Niet gestoord worden door de telefoon, door gesprekken om je heen, door een vrachtwagen die door de straat dendert...
Maar als het lukt, heb je als schrijver het ultieme bereikt. En dat heb ik nu. Het was namelijk wat een van de proeflezers me vandaag schreef: "Op sommige momenten had ik het gevoel dat ik erbij was." Een groter compliment kun je als schrijver niet krijgen.
Spannend
27 september 2011
Ha! Geweldig is het, als je tijdens het schrijven je eigen boek spannend vindt. En dat terwijl ik weet waar het naartoe gaat, wat er gaat gebeuren. Ik zie het voor me, de woorden rijgen zich aaneen, de zinnen vormen zich en het is gewoon spannend.
Wat het ook spannend maakt, is dat ik bijna klaar ben. Ja, echt! Nog maar zo'n twee hoofdstukken te gaan. Scènes op de juiste plek schuiven, vloeiende overgangen schrijven. Vooruit, nog een enkele scène toevoegen. En, ja, toch maar die ene alinea schrappen. Jammer, want hij is zo mooi, maar hij doet er echt niet meer toe. En dan moet je streng zijn, als schrijver. Ach, wat geeft het. Het gaat hartstikke lekker! We vloeien zo naar het eind toe. De laatste pagina's, de laatste scènes.
Bijna klaar. Bijna, bij-na klaar.
Warrig, raadselachtig, onnavolgbaar
10 oktober 2011
Een hele tijd wist ik niet meer hoe ik op het idee voor Argadwyn was gekomen. Maar laatst schoot het me weer te binnen. Het begon met de zin: De wolven huilden. En daarbij had ik een scène in mijn hoofd.
Ik had ook een idee in een schriftje staan. Al jaren. Meer dan tien jaar. Over een onsterfelijke familie waarvan iedere dertig jaar een nieuwe telg geboren werd. Die twee ideeën kwamen samen. Vraag me niet hoe, want het schrijversbrein is warrig, raadselachtig en onnavolgbaar.
In het hele verhaal is dan ook weinig terug te vinden van die oorspronkelijke ideeën. Die hele scène met de wolven zit er niet eens in!
Tot ik het laatste hoofdstuk weer eens las. De laatste pagina. De wolven huilden, staat daar. En de scène lijkt een klein beetje op die waar het mee begon. Dus toch. Mijn warrige, raadselachtige, onnavolgbare schrijversbrein zorgt er wel voor.
Wachten duurt lang
20 oktober 2011
Hèhè eindelijk mag ik Argadwyn weer lezen! Ik had mezelf voorgenomen om het vier weken te laten liggen nadat ik het herschreven had. De vier weken zijn nu bijna voorbij. Nog een paar dagen. Maar wat zijn nou een paar dagen? Wat maakt dat nou uit? Ik wil gewoon weten hoe het geworden is! Of het nu echt is zoals ik het wil. Nog een paar dagen wachten? Of zal ik toch...?
Klaarrr...!
25 oktober 2011
Jaah...! Ik ben blij met Argadwyn. Ik heb het weer helemaal gelezen en het is spannender, mooier, beter. Ik kon het zelfs niet laten om een paar keer in de kantlijn te schrijven: mooi!
Het herschrijven is nu echt klaar. Ik heb namelijk ook al een paar dingen te veel herschreven. Die waren niet beter dan wat ik al had. Dat is het moment om te stoppen. Dan is het gewoon klaar en moet je er verder van afblijven. Dus. Argadwyn is af. Argadwyn is af!!!
(Nu laat ik het weer een paar weken liggen voordat ik het een allerlaatste keer lees. Daarna: naar de uitgever!)
Vreugdevuur
26 oktober 2011
Tja. Daar zit je dan. Het verhaal is klaar, ik ben er blij mee. Nu een paar weken wachten om het een laatste keer te lezen, om alle puntjes op de i te zetten. En wat doe je dan? Mijn bureau is een zooitje, dus ik begin maar met wat opruimen. Stapels verzamelen. Al die prints van vorige versies...
Hee, wacht eens even. Ik heb een ineens een superidee! Dat is een mooie afsluiting! In plaats van mijn manuscript met al die aantekeningen en wijzigingen naar het oud papier te brengen... Ja zeg, dat past ook nog perfect in de stijl van het verhaal. Lucifers erbij en... de fik erin!
Ik heb ook nog een mooie tak lavendel liggen die ik vorige week heb gesnoeid. Die kan het fikkie mooi brandend houden. En daar gaan ze, alle papiersnippers met die woorden, die zinnen waar ik zo over gepiekerd heb, die alinea's die ik moest schrappen. Alles gaat in rook op, tot er alleen nog een berg grijze as over is.
En, ik kan het niet laten, stiekem ook nog even een succesboodschap meesturen met de rook.
Van driehonderd naar vijf
1 november 2011
Schrijven is schrappen. Dus als het goed is, staat er in een boek niets wat er niet toe doet. Alles is belangrijk. Voor de ontwikkeling van de hoofdpersoon, voor de spanning, voor de plot.
Toch ben ik nu aan het proberen mijn manuscript van driehonderd pagina's terug te brengen naar vijf pagina's. Ik moet namelijk een synopsis schrijven voor de uitgever aan wie ik het wil sturen. En dat is moeilijk! Want wat is er onbelangrijk genoeg om in de synopsis niet te vermelden? Of om slechts even aan te stippen? Hoe krijg ik het verhaal zo volledig mogelijk op papier en dan ook nog zo dat de uitgever meteen denkt: Wow, dat moet ik lezen!
Er zullen nog wel wat versies overheen gaan voordat het helemaal klaar is. En er wordt veel geschrapt. Heel veel geschrapt.
Laat mij maar een boek van driehonderd pagina's schrijven...
Minder kan echt niet
3 november 2011
Opeens weet ik het. De synopsis wordt een soort uit de kluiten gewassen flaptekst (nieuwsgierigmakend) met verklapping van het eind (plotlijn). En tussendoor wat fragmenten uit het verhaal voor de smaak. Vol goede moed ga ik aan de slag. Ik concentreer me op de belangrijkste lijnen in het verhaal en probeer het zo kort mogelijk te houden. En vooral niet te denken aan alles wat ik niet opschrijf. Wat iemand die deze synopsis straks leest allemaal mist.
De eindstand? Verhaal: ruim 75.000 woorden. Synopsis: 1200 woorden. Minder kan echt niet. Het voelt al als een slap aftreksel van het verhaal. Dat moet je lezen! Toch niet zo'n synopsis...?
Pakkend, spannend en intrigerend?
10 november 2011
Het blijft een drama. Ik heb mijn synopsis nog eens gelezen, en ik ben er niet blij mee. Het verhaal komt niet goed genoeg uit de verf, vind ik. En dat moet natuurlijk wel. De uitgever moet het wel gaan lezen! Ik ga er maar weer even goed voor zitten. Nadenken hoe ik het pakkend, spannend en intrigerend kan maken. Zodat de uitgever denkt: ik wil het weten, ik wil meer lezen, waar heb ik dat manuscript gelaten?! Lezen, nu!
Nog één week
15 november 2011
Joepie, nog maar een week wachten! Dan mag ik Argadwyn weer lezen. Eindelijk. Drie weken geleden ontstak ik een vreugdevuur omdat het verhaal af was. En ik nam me voor dat ik het vier weken zou laten liggen, voordat ik het een laatste keer mag lezen. Nog een weekje dus. Zou ik dat redden? Hou ik dat vol? Ik ben zo benieuwd hoe het geworden is. Of het nu echt is zoals ik het wil...
Ik heb er in de tussentijd nog wel een beetje aan gewerkt. Ik moest die vreselijke synopsis maken, om het straks naar de uitgever te kunnen sturen. Maar die is nu ook klaar. Dus. Een week nog. Een hele week...
De ultieme test
17 november 2011
De laatste fase breekt nu echt aan. De laatste loodjes voordat het manuscript naar de uitgever gaat. En nu is 't hét moment voor de ultieme test: Pakt het verhaal? Als ik zelf een boek koop, en ik heb de kaft gezien en de titel, de achterkant gelezen, dan doe ik nog één ding voor ik tot aankoop overga: ik sla het boek open bij een willekeurige pagina en lees. Grijpt het verhaal me? Wil ik verder lezen? Dan koop ik het boek.
Dat ga ik nu dus doen bij mijn eigen manuscript. Een paar keer sla ik het open op een willekeurige bladzijde. Wil ik doorlezen? Dan is het goed. Kan ik niet meer stoppen na die ene bladzijde? Dan is het uitstekend! Een aantal keer doe ik dat, door het hele manuscript heen. Pakt het me? Kan ik niet meer stoppen met lezen ...?
Ik koop het!
De laatste dag
21 november 2011
De laatste dag van het lange wachten is vandaag aangebroken. Morgen mag ik Argadwyn weer lezen. Ik heb sterk de neiging om te smokkelen. Wat maakt dat ene dagje nou uit? Ik kan het natuurlijk alvast uitprinten. Dan ligt het maar klaar. Kan ik morgen meteen aan de slag...
Gelukkig heb ik nog een ander verhaal liggen waar ik aan werken. Als afleiding. Of zal ik toch...? Eén dag nog maar. Eén lange, verleidelijke dag...
Mijn Grote Wens
23 november 2011
Gelezen! In twee dagen heb ik Argadwyn weer helemaal gelezen. Vond ik het spannend? Ja. Vond ik het mooi? Ja. Zitten er nog dingen in die beter kunnen? Ja. Maar dat heb je als schrijver altijd. Eens moet je stoppen met verbeteren en dat moment is nu aangebroken. Al twee keer heb ik iets wat ik had 'verbeterd' terug veranderd. Dus. Nu. Naar. De. Uitgeverij.
Er zijn er heel wat waar ik het naartoe kan sturen. Maar er is er één die wel heel erg mijn voorkeur heeft. Eentje die erg goede boeken uitgeeft, die ik graag lees. Als ik daar tussen mag staan... Dat is echt mijn Grote Wens! Als die uitgever mijn boek publiceert... op dit moment kun je me niet blijer maken!
Dus lieve mensen, misschien willen jullie me helpen deze droom werkelijkheid te laten worden? Brand een kaarsje, bid, mediteer, visualiseer, vraag het aan het universum, of duim gewoon voor me. Dat die Ene Uitgever Argadwyn publiceert. Wat zou dat mooi zijn!
Pluisje
29 november 2011
Argadwyn - het verhaal - is een pluisje. Ik neem het mee naar Nàg Bhand'ar, stevig in mijn hand geklemd terwijl ik over de smalle richel langs het steile klif omhoog loop. Onder me is de eindeloze zee, waar ik maar beter niet naar kan kijken. Die diepte. Op de hoogvlakte word ik weer getroffen door de kracht van de stenen. Die grote, grijze vrienden die hier al eeuwenlang weer en wind trotseren. En tijd.
Binnenin de cirkel heerst stilte. Ik strek mijn arm, open mijn vuist. Daar ligt het pluisje dat Argadwyn is. Het verhaal Argadwyn. Ik moet het loslaten. Ik breng mijn hand tot vlak voor mijn mond en blaas. Even aarzelt het, maar dan gaat het. Op de wind zweeft het weg, naar een plek waar het neerdwarrelt, op vruchtbare grond. Waar het kan uitgroeien tot iets moois.
Argadwyn, daar ga je!
2 december 2011
Het is zover. Ik kan er niets meer aan veranderen. Argadwyn is op weg naar de uitgever. Het manuscript van bijna een kilo(!) heb ik vandaag verstuurd. Met een mooie brief en een goede synopsis. Ik kan alleen maar vertrouwen hebben dat die hun werk goed doen en dat ze de uitgever, de redacteur die het leest, enthousiast maken voor mijn verhaal. Komende maandag, 5 december, ontvangen ze mijn Sinterklaascadeau...
En dan maar wachten. Twee tot drie maanden zal het duren voordat ik weet of ze er een mooi boek van willen maken. Twee tot drie maanden... Tijd genoeg om flink te duimen!
Geduld
12 december 2012
Het is nu precies een week geleden dat de uitgever mijn manuscript ontving. Een week nog maar. Het lijkt alweer zo lang geleden. En dan te bedenken dat ik nog maanden moet wachten voordat ik meer weet. Want zo lang duurt het, twee tot drie maanden, voordat ze het gelezen hebben en weten op welke stapel het terechtkomt. Retour afzender, met een kort, standaard briefje erbij? Of wordt het een telefoontje om een afspraak met mij te maken?
Geduld. Gewoon geduld. Twee tot drie maanden, dat is februari of maart. Voor ik het weet, is het zover. (Dat is toch wat ze altijd zeggen?)
Niemandsland
19 december 2011
Het is stil in het niemandsland. Stil, somber en kaal. Een rotsige bodem en verder niets. Schemerdonker. Geen kleur, geen geluid. Niets. Dit is de plek waar ik ronddwaal, het niemandsland na een verhaal. Af en toe glijdt er een schim langs me heen, een flard van een verhaal dat onafgemaakt in een doos ligt. Een vaag idee voor iets wat misschien, ooit, een nieuw verhaal kan worden. Meer dan vage schimmen zijn het niet. Het krijgt geen vorm, geen kleur. Het is verdwenen bijna voordat ik het herken. Ergens achter mij loopt Argadwyn. Stil, maar nog steeds aanwezig.
Het niemandsland, het stukje leegte tussen de verhalen. Hier dwaal ik, omdat ik de weg niet weet. De weg die leidt naar het volgende verhaal dat ik zal schrijven.
Vragen waar je niets aan hebt
23 december 2012
Zo'n twee weken nadat de uitgeverij mijn manuscript heeft ontvangen, vraag ik me af hoe het met Argadwyn is. Ligt ze nog onaangeroerd op het bureau van de redacteur? Zou hij er al een blik op geworpen hebben? Ligt ze al iets hoger op de stapel?
Het zijn van die vragen waar je niets aan hebt. Je weet de antwoorden toch niet. En het verandert niets aan het lange wachten. Twee tot drie maanden. Minus twee tot drie weken. Die zijn tenminste alvast voorbij.
Toch nog een aanpassing
2 januari 2012
Vier weken geleden stuurde ik Argadwyn naar de uitgever. Een stap waar ik echt naartoe moest werken, om het verhaal los te laten, om te wennen aan het idee dat ik er geen controle meer over heb. Inmiddels is het verhaal al behoorlijk naar de achtergrond geraakt. Andere verhalen dringen zich op om ook geschreven te worden.
En toch, gek genoeg, kwam er uit de diepte waar Argadwyn nu zit iets naar boven borrelen. Een wijziging, een toevoeging. Iets kleins maar, niets ingrijpends. Maar wel iets dat de lezer nog net wat nieuwsgieriger zal maken naar het tweede deel. Dus: weer heel even aan de slag met Argadwyn.
Allesland
6 januari 2012
Als schrijver zit ik nooit zonder verhalen. Goed, een tijdje geleden "klaagde" ik nog dat ik in Niemandsland dwaalde. Nu lijkt het erop dat ik in Allesland terecht ben gekomen.
Bij een simpel gesprek heb ik alweer een nieuw idee. Tijdens een voorstelling in het museum krijg ik een idee voor een verhaal dat al een tijdje op een dood punt zit. En tijdens mijn wandeling zie ik die vrouw met haar lange zwarte jas, haar blonde haar wapperend in de wind en achter haar rent de zwarte hond...
Als schrijver kun je ook maar beter binnen blijven, alleen, veilig achter je bureau, en zonder internet. Je zou nog overprikkeld raken van al die ideeën die verhalen willen worden om op te schrijven...
Nog steeds geduldig
12 januari 2012
Gisteren vroeg iemand mij of ik nog wel geduld heb. Het antwoord is: ja. Het helpt dat ik weet hoe lang ik moet wachten. Twee tot drie maanden is een hele tijd, maar ik weet dat ik eerder geen reactie hoef te verwachten. Eigenlijk denk ik er niet eens over na. Ja, iedere dag denk ik wel even aan Argadwyn, maar niet lang.
Als de eerste twee maanden voorbij zijn, dan word ik vast minder geduldig. Zouden ze het verhaal al van de stapel gehaald hebben? Zijn ze het aan het lezen? En als de drie maanden voorbij zijn, dan... Ja, dan. Dan wacht ik iedere dag op het verlossende telefoontje. Daar hoop ik het meest op, natuurlijk. Telefoon betekent goed nieuws. Post betekent slecht nieuws. Maar zover is het nog niet, en dat is wel fijn. Zo lang ik nog moet wachten, heb ik ook nog geen slecht nieuws.
Verhalen
23 januari 2012
Het is stil. Wat Argadwyn betreft, in ieder geval. Maar dat betekent niet dat ik niets doe. Of dat er geen verhalen zijn.
Er is een verhaal dat zich steeds weer aandient. Waar steeds weer nieuwe ideeën voor naar boven borrelen. Ik denk dat ik daar binnenkort toch maar aan ga beginnen.
En er zijn verhalen van anderen. Die me vragen wat ik ervan vind. Of het spannend genoeg is, of grappig, en waar het beter kan. Ik vind het leuk om verhalen van anderen te lezen, en om ze te helpen die verhalen (nog) beter te maken. Hoe ervaren je als schrijver ook bent, altijd komt er een moment waarop je het zelf niet meer ziet. Dan heb je de kritische blik van iemand anders nodig. Leuk als ik die mag geven!
(Zie ook bij Schrijfbegeleiding.)
Tussen de groten
1 februari 2012
En dan opeens gebeurt er iets leuks. Iets erg leuks.
Het begint met een mailtje. Een verzoek waar je ja op zegt. En dan opeens besef je dat je over een tijdje een miniversie van je workshop gaat geven. Op het BoFboekenbal. En dat je in het programma in één adem genoemd wordt met Adrian Stone en Tais Teng. Dat is niet gaaf. Dat gaat veel verder. Dat betekent dat ik straks naast iemand sta die fantastische boeken heeft geschreven, die uitgegeven zijn bij een uitgever die... tja. Ik weet gewoon niet wat ik moet zeggen. Ik geniet maar van het idee. En ga mijn miniworkshop heel goed voorbereiden.
Meegesleept door mijn verhaal
7 februari 2012
Twee maanden geleden stuurde ik mijn manuscript naar de uitgeverij. Ongeveer nu zal de redacteur het wel lezen. Helemaal verdiept in mijn verhaal, meegesleept door de gebeurtenissen. Alles om zich heen vergetend, en als hij het uit heeft, een diepe zucht. Verward kijkt hij om zich heen. Dan realiseert hij zich waar hij is. En dat hij mij moet bellen. Nog half in de wereld van Argadwyn, tast hij naar de telefoon...
De Brief
13 februari 2012
En ja hoor, ik heb hem ontvangen: De Brief. Van die Ene Uitgever. Zo'n nietszeggende, onpersoonlijke standaardbrief met de mededeling dat ze mijn manuscript niet zullen uitgeven.
Teleurgesteld? Ja, natuurlijk. Ik had er niet veel van verwacht, ik had immers hoog ingezet. Maar toch. Ik hoopte wel.
Maar ik ga niet bij de pakken neerzitten. Er zijn meer uitgevers. Uitgevers waar Argadwyn misschien veel beter bij past dan bij die Ene. Straks maar weer een wandelingetje naar de brievenbus.
Volgende ronde
21 februari 2012
Welke afwijzing? Welke teleurstelling? Gewoon doorgaan! Argadwyn ligt alweer bij twee andere uitgevers. Bij de ene heb ik zelfs goede hoop. In ieder geval een redacteur die benieuwd is en die al aangaf mij niet drie maanden te laten wachten... Laat de duimen maar weer draaien!