Wordt het een boek, of niet?

De wording van Verhalen uit de Heksenkeet, deel 4

September 2014 zijn we er klaar voor: we mailen het concept voor de serie en het eerste boekje naar de uitgeverij.

Van de proeflezers hebben we dan nog geen reacties terug (behalve een paar enthousiaste opmerkingen op het schoolplein), maar we willen niet langer wachten.

En dan, in november, komt er een mail van de uitgeverij. Ons idee spreekt hun wel aan. Of we een keer op de uitgeverij willen komen om erover te praten? Marieke en ik appen enthousiast, schuiven heen en weer in onze agenda’s en nog geen week later zitten we aan tafel bij de uitgever. Het gesprek gaat over onze ideeën, over de ontstaansgeschiedenis van de heksen, over ons eerdere werk en hoe zo’n serie in hun fonds zou passen.

Anderhalf uur later zitten Marieke en ik vertwijfeld op een terras tussen de uitgeverij en het station. “Wat vonden ze er nou van?” vragen we aan elkaar. We weten werkelijk niet wat we ervan moeten denken. Er is niet gezegd: we vinden het toch niks, we doen het niet. Maar ze hebben ook niet gezegd dat ze deze serie wel willen uitgeven. Allebei hebben we het gevoel dat de kans op een ‘nee’ net zo groot is als die op een ‘ja’. Hebben we daarvoor urenlang in de trein gezeten?

Over Femke

Toen ik tien was en verhalen schreef, durfde ik niet te dromen dat ik ooit echt schrijver zou zijn, met echte boeken. Lees meer over Femke →

, ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie